Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2010:BN8049
2010-09-24
Bestuursrecht; Belastingrecht
09/03257
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2010:BN8049 → ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ3144 bekrachtiging/bevestiging
Inhoudsindicatie
8:73 en 8:74 Awb, geen rentevergoeding over vergoeding griffierecht.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (63)
- ECLI:NL:PHR:2023:1221 Parket bij de Hoge Raad 22-12-2023
- ECLI:NL:GHSHE:2023:2203 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 05-07-2023
- ECLI:NL:GHSHE:2023:2204 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 05-07-2023
- ECLI:NL:HR:2022:1039 Hoge Raad 08-07-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:2122 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 29-06-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:2013 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22-06-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:2010 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22-06-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:1822 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 08-06-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:1038 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30-03-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:1039 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30-03-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:865 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 16-03-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:864 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 16-03-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2021:3362 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 05-11-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:3363 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 05-11-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:3366 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 05-11-2021
- ECLI:NL:RBZWB:2021:3601 Rechtbank Zeeland-West-Brabant 16-07-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:1848 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 17-06-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:1265 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22-04-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:1268 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22-04-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:1274 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22-04-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:1273 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22-04-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:1275 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22-04-2021
- ECLI:NL:GHAMS:2021:816 Gerechtshof Amsterdam 23-02-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2020:4110 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 31-12-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:4054 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 31-12-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:4112 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 31-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3842 Gerechtshof Amsterdam 17-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3859 Gerechtshof Amsterdam 03-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3854 Gerechtshof Amsterdam 03-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3862 Gerechtshof Amsterdam 03-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3861 Gerechtshof Amsterdam 03-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3858 Gerechtshof Amsterdam 03-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3855 Gerechtshof Amsterdam 03-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3853 Gerechtshof Amsterdam 03-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3856 Gerechtshof Amsterdam 03-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3860 Gerechtshof Amsterdam 03-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3857 Gerechtshof Amsterdam 03-12-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3852 Gerechtshof Amsterdam 27-11-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:2631 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 20-08-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:2071 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 09-07-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:1844 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 19-06-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:1845 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 19-06-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:1847 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 19-06-2020
- ECLI:NL:GHARL:2020:3358 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 29-04-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2019:4297 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 21-11-2019
- ECLI:NL:GHARL:2019:9670 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 12-11-2019
- ECLI:NL:GHSHE:2019:3972 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 24-10-2019
- ECLI:NL:GHSHE:2019:1878 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 17-05-2019
- ECLI:NL:GHSHE:2019:1878 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 17-05-2019
- ECLI:NL:GHSHE:2019:1720 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 02-05-2019
- ECLI:NL:HR:2019:623 Hoge Raad 19-04-2019
- ECLI:NL:RBZWB:2019:476 Rechtbank Zeeland-West-Brabant 07-02-2019
- ECLI:NL:GHDHA:2018:3478 Gerechtshof Den Haag 27-11-2018
- ECLI:NL:GHDHA:2018:4027 Gerechtshof Den Haag 12-10-2018
- ECLI:NL:GHDHA:2018:3996 Gerechtshof Den Haag 12-10-2018
- ECLI:NL:RBGEL:2018:3622 Rechtbank Gelderland 21-08-2018
- ECLI:NL:GHARL:2018:4324 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 01-05-2018
- ECLI:NL:GHARL:2018:4323 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 01-05-2018
- ECLI:NL:GHARL:2018:3813 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 24-04-2018
- ECLI:NL:GHARL:2018:3013 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 04-04-2018
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (3.637 tekens)
Nr. 09/03257
24 september 2010
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 16 juli 2009, nr. 08/00699, betreffende een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken.
1. Het geding in feitelijke instanties
Ten aanzien van belanghebbende is bij beschikking op de voet van artikel 29a van de Wet WOZ de vastgestelde waarde van de onroerende zaak a-straat 1 te Z (hierna: de woning) voor het tijdvak 1 januari 2006 tot en met 31 december 2006 bekendgemaakt.
Na door belanghebbende daartegen gemaakt bezwaar heeft de heffingsambtenaar van de gemeente Bergen bij uitspraak de vastgestelde waarde gehandhaafd.
De Rechtbank te Alkmaar (nr. 06/2738 Woz) heeft het tegen die uitspraak ingestelde beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de heffingsambtenaar vernietigd en de waarde verminderd.
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld bij het Hof.
Het Hof heeft de uitspraak van de Rechtbank vernietigd, het beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de Inspecteur vernietigd, de waarde verminderd, het verzoek tot schadevergoeding afgewezen en de heffingsambtenaar veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende tot een bedrag van € 4. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
3. Beoordeling van de klachten
3.1.1. De vierde klacht is gericht tegen het oordeel van het Hof dat er geen aanleiding bestaat om naast vergoeding van het door belanghebbende betaalde griffierecht, ook vergoeding van rente daarover te gelasten bij wijze van schadevergoeding.
3.1.2. Deze klacht faalt. De grondslag voor vergoeding van griffierecht is gelegen in artikel 8:74 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb). Die bepaling voorziet alleen in vergoeding van het (nominale) bedrag van het betaalde griffierecht, en niet in vergoeding van rente daarover. In overeenstemming met de rechtspraak van andere hoogste bestuursrechters is de Hoge Raad van oordeel dat in artikel 8:74 Awb uitputtend is geregeld welke mogelijkheden de bestuursrechter heeft om een partij te veroordelen tot een vergoeding in verband met de heffing van griffierecht (vgl. de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 7 juli 2004, RSV 2004/85, LJN AQ5516, en de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 17 oktober 2007, nr. 200700778/1, LJN BB5817). Voor een aanvullende vergoeding van rente over het betaalde griffierecht bij wege van schadevergoeding op de voet van artikel 8:73 van de Awb, is dan ook geen plaats.
3.2. De overige klachten kunnen evenmin tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu die klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
5. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.W. van den Berge als voorzitter, en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp en M.W.C. Feteris, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 24 september 2010.
24 september 2010
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 16 juli 2009, nr. 08/00699, betreffende een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken.
1. Het geding in feitelijke instanties
Ten aanzien van belanghebbende is bij beschikking op de voet van artikel 29a van de Wet WOZ de vastgestelde waarde van de onroerende zaak a-straat 1 te Z (hierna: de woning) voor het tijdvak 1 januari 2006 tot en met 31 december 2006 bekendgemaakt.
Na door belanghebbende daartegen gemaakt bezwaar heeft de heffingsambtenaar van de gemeente Bergen bij uitspraak de vastgestelde waarde gehandhaafd.
De Rechtbank te Alkmaar (nr. 06/2738 Woz) heeft het tegen die uitspraak ingestelde beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de heffingsambtenaar vernietigd en de waarde verminderd.
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld bij het Hof.
Het Hof heeft de uitspraak van de Rechtbank vernietigd, het beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de Inspecteur vernietigd, de waarde verminderd, het verzoek tot schadevergoeding afgewezen en de heffingsambtenaar veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende tot een bedrag van € 4. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
3. Beoordeling van de klachten
3.1.1. De vierde klacht is gericht tegen het oordeel van het Hof dat er geen aanleiding bestaat om naast vergoeding van het door belanghebbende betaalde griffierecht, ook vergoeding van rente daarover te gelasten bij wijze van schadevergoeding.
3.1.2. Deze klacht faalt. De grondslag voor vergoeding van griffierecht is gelegen in artikel 8:74 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb). Die bepaling voorziet alleen in vergoeding van het (nominale) bedrag van het betaalde griffierecht, en niet in vergoeding van rente daarover. In overeenstemming met de rechtspraak van andere hoogste bestuursrechters is de Hoge Raad van oordeel dat in artikel 8:74 Awb uitputtend is geregeld welke mogelijkheden de bestuursrechter heeft om een partij te veroordelen tot een vergoeding in verband met de heffing van griffierecht (vgl. de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 7 juli 2004, RSV 2004/85, LJN AQ5516, en de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 17 oktober 2007, nr. 200700778/1, LJN BB5817). Voor een aanvullende vergoeding van rente over het betaalde griffierecht bij wege van schadevergoeding op de voet van artikel 8:73 van de Awb, is dan ook geen plaats.
3.2. De overige klachten kunnen evenmin tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu die klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
5. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.W. van den Berge als voorzitter, en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp en M.W.C. Feteris, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 24 september 2010.