Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2010:BN6132

2010-10-29 Civiel recht; Personen- en familierecht 09/00355
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2010-10-29
Publicatiedatum
2013-04-05
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
09/00355
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2010/1289 | RFR 2011/2 | FJR 2011, 9 met annotatie van P. Dorhout | JWB 2010/456

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Familierecht. Echtscheiding. Uitleg kwijtingsbeding in echtscheidingsconvenant. (art. 81 RO).

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.631 tekens)
29 oktober 2010
Eerste Kamer
09/00355
DV/EE


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:


[De vrouw],
wonende te [woonplaats],
EISERES tot cassatie, verweerster in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,
advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand,


t e g e n


[De man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie, eiser in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,
advocaten: mr. P.J.M. von Schmidt auf Altenstadt en mr. N.T. Dempsey.


Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.

1. Het geding in feitelijke instanties


Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak met de nummers 110416/HA ZA 04-1070 en 116254/HA ZA 04-2177 van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 19 oktober 2005,
b. de arresten in de zaak HD 103.003.004 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 16 oktober 2007 en 14 oktober 2008.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.


2. Het geding in cassatie


Tegen de arresten van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. De man heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld. De cassatiedagvaarding en de conclusie van antwoord tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor de vrouw mede door mr. M.E.M.G. Peletier, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het principale beroep.


3. Beoordeling van de middelen in het principale beroep


De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Nu de middelen in het principale beroep falen, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.


4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het principale beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren J.C. van Oven, W.A.M van Schendel, C.A. Streefkerk en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 29 oktober 2010.