Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2010:BM6110

2010-09-03 Civiel recht 09/02332
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2010-09-03
Publicatiedatum
2013-04-05
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
09/02332
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2010/987 | JWB 2010/327

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

WvK. Beëindiging vennootschap onder firma. Slotbalans. Goede procesorde. Functie hoger beroep. Motivering. (art. 81 RO).

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.580 tekens)
3 september 2010
Eerste Kamer
09/02332
DV/EE


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:


1. [Eiseres 1], in liquidatie,
gevestigd te [vestigingsplaats],
2. [Eiser 2],
wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. M. de Boorder,


t e g e n


[Verweerder],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. H.J.W. Alt.


Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerder].

1. Het geding in feitelijke instanties


Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 272383/HA ZA 06-3111 van de rechtbank Rotterdam van 4 april 2007,
b. het tussenarrest in de zaak 07/662 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 20 juni 2007,
c. het tussenarrest in de zaak 105.006.527/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 17 juli 2008,
d. het eindarrest in de zaak 105.006.527/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 24 februari 2009.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.


2. Het geding in cassatie


Tegen de arresten van het hof van 20 juni 2007, 17 juli 2008 en 24 februari 2009 hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[Verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.


3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing


De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 2.651,34,-- in totaal, waarvan € 2.461,34 op de voet van art. 243 Rv. te betalen aan de Griffier, en € 190,-- aan [verweerder].


Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 3 september 2010.