Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2010:BL7046
2010-05-07
Civiel recht; Personen- en familierecht
09/02205
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2010:BL7046 → ECLI:NL:PHR:2010:BL7046
Inhoudsindicatie
Familierecht. Alimentatie tussen gewezen echtgenoten; bevoegdheid van de rechter om met (wan)gedrag rekening te houden bij de vaststelling van partneralimentatie op grond van art. 1:157 lid 1 BW; feiten die aan de strafrechtelijke veroordeling van alimentatiegerechtigde wegens mishandeling van alimentatieplichtige ten grondslag liggen leveren onvoldoende grond op om tot matiging van de wettelijke onderhoudsbijdrage over te gaan; afweging van feitelijke aard die in cassatie niet toetsbaar is. (81 RO)
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (12)
- ECLI:NL:RBMNE:2025:1709 Rechtbank Midden-Nederland 07-04-2025
- ECLI:NL:RBROT:2025:3973 Rechtbank Rotterdam 24-01-2025
- ECLI:NL:GHAMS:2025:143 Gerechtshof Amsterdam 21-01-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2024:11965 Rechtbank Den Haag 17-06-2024
- ECLI:NL:RBGEL:2023:6587 Rechtbank Gelderland 17-11-2023
- ECLI:NL:GHDHA:2023:708 Gerechtshof Den Haag 19-04-2023
- ECLI:NL:GHDHA:2023:748 Gerechtshof Den Haag 19-04-2023
- ECLI:NL:GHDHA:2021:2419 Gerechtshof Den Haag 17-11-2021
- ECLI:NL:PHR:2021:463 Parket bij de Hoge Raad 07-05-2021
- ECLI:NL:PHR:2021:463 Parket bij de Hoge Raad 07-05-2021
- ECLI:NL:GHDHA:2020:893 Gerechtshof Den Haag 08-05-2020
- ECLI:NL:PHR:2014:1810 Parket bij de Hoge Raad 19-09-2014
Volledige tekst
Volledige tekst (1.975 tekens)
7 mei 2010
Eerste Kamer
09/02205
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[De vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
[De man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. E. Grabandt.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 238667/FA RK 07-6113 van de rechtbank Utrecht van 26 maart 2008,
b. de beschikking in de zaak 200.008.551 van het gerechtshof te Amsterdam van 3 maart 2009.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van de vrouw heeft bij brief van 19 maart 2010 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 7 mei 2010.
Eerste Kamer
09/02205
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[De vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
[De man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. E. Grabandt.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 238667/FA RK 07-6113 van de rechtbank Utrecht van 26 maart 2008,
b. de beschikking in de zaak 200.008.551 van het gerechtshof te Amsterdam van 3 maart 2009.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van de vrouw heeft bij brief van 19 maart 2010 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 7 mei 2010.