Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2010:BL3867
2010-04-09
Civiel recht
09/04147
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2010:BL3867 → ECLI:NL:PHR:2010:BL3867
Inhoudsindicatie
Faillissementsrecht. Onaannemlijkheid herroeping steunvorderingen. (81 RO)
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.265 tekens)
9 april 2010
Eerste Kamer
09/04147
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
APOTHEEK ZOETERWOUDE & STOMPWIJK B.V.,
gevestigd te Zoeterwoude,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. E.A.H. ten Berge,
t e g e n
1. de onderlinge waarborgmaatschappij ZORGVERZEKERAAR ZORG & ZEKERHEID U.A.,
gevestigd te Leiden,
2. de onderlinge waarborgmaatschappij ZORGVERZEKERAAR ZORG & ZEKERHEID VERZEKERINGEN U.A.,
gevestigd te Leiden,
3. BROCACEF B.V.,
gevestigd te Maarssen
VERWEERSTERS in cassatie,
advocaat: mr. E.A.L. van Emden.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als AZS en Z&Z c.s.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 331576/FT RK 09.414 van de rechtbank 's-Gravenhage van 14 juli 2009,
b. het arrest in de zaak 200.038.512/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 6 oktober 2009.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft AZS beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Z&Z c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO, met veroordeling van AZS in de kosten.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann 9 april 2010.
Eerste Kamer
09/04147
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
APOTHEEK ZOETERWOUDE & STOMPWIJK B.V.,
gevestigd te Zoeterwoude,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. E.A.H. ten Berge,
t e g e n
1. de onderlinge waarborgmaatschappij ZORGVERZEKERAAR ZORG & ZEKERHEID U.A.,
gevestigd te Leiden,
2. de onderlinge waarborgmaatschappij ZORGVERZEKERAAR ZORG & ZEKERHEID VERZEKERINGEN U.A.,
gevestigd te Leiden,
3. BROCACEF B.V.,
gevestigd te Maarssen
VERWEERSTERS in cassatie,
advocaat: mr. E.A.L. van Emden.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als AZS en Z&Z c.s.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 331576/FT RK 09.414 van de rechtbank 's-Gravenhage van 14 juli 2009,
b. het arrest in de zaak 200.038.512/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 6 oktober 2009.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft AZS beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Z&Z c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO, met veroordeling van AZS in de kosten.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann 9 april 2010.