Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2009:BJ8835

2009-12-04 Civiel recht 08/01445
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2009-12-04
Publicatiedatum
2013-04-05
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
08/01445
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2009, 1431 | S&S 2010, 60 | JWB 2009/465

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Verzekeringsrecht/Procesrecht. Uitleg polisvoorwaarden. Verzekerd evenement. Schending art. 198 lid 2 Rv.? Passeren stellingen? (81 RO).

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.503 tekens)
4 december 2009
Eerste Kamer
08/01445
EE


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:


[Eiseres ], mede handelende onder de naam [A],
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,


t e g e n


1. ALGEMENE RISICO VERZEKERING MAATSCHAPPIJ "MERCURIUS" N.V.,
gevestigd te Nijkerk,
2. AMEV SCHADEVERZEKERING N.V.,
gevestigd te Utrecht,
VERWEERSTERS in cassatie,
advocaat: mr. R.S. Meijer.


Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en Mercurius c.s., de verweerders ieder afzonderlijk als Mercurius en Amev.

1. Het geding in feitelijke instanties


[eiseres] heeft bij exploot van 19 februari 2004 Mercurius c.s. gedagvaard voor de rechtbank Arnhem en gevorderd, kort gezegd,
- Mercurius c.s. hoofdelijk te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 28.812,95, te verminderen met een bedrag van € 226,90 wegens eigen risico, met rente en kosten;
- Mercurius c.s. te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 120,-- wegens expertisekosten en een bedrag van € 1.776,27 wegens buitengerechtelijke kosten;
- Mercurius c.s., althans Amev, te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 8.058,48, wegens bedrijfsschade en
- Mercurius te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 226,98 zijnde het gedeelte van de schade dat het eigen risico betreft dat geldt bij Amev.



Mercurius c.s. hebben de vordering bestreden.
De rechtbank heeft, na bij tussenvonnis van 9 juni 2004 een comparitie van partijen te hebben gelast, bij eindvonnis van 25 augustus 2004 de vorderingen afgewezen.
Tegen het eindvonnis van de rechtbank heeft [eiseres] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem.



Na tussenarresten van 4 april 2006, 29 augustus 2006 en 30 januari 2007, waarbij het hof een deskundigenonderzoek heeft bevolen, heeft het hof bij eindarrest van 4 december 2007 het bestreden vonnis van de rechtbank bekrachtigd.
Het eindarrest van het hof is aan dit arrest gehecht.


2. Het geding in cassatie


Tegen het eindarrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Mercurius c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor Mercurius c.s. mede door mr. J. Mencke, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het beroep.


3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing


De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Mercurius c.s. begroot op € 374,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.


Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 4 december 2009.