Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2009:BI8560
2009-09-15
Strafrecht
08/01000 B
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2009:BI8560 → ECLI:NL:PHR:2009:BI8560
Inhoudsindicatie
Beklag tegen beslag. UOS bij procedure in raadkamer. Art. 359.2 Sv heeft niet het oog op een ter gelegenheid van de behandeling van een klaagschrift a.b.i. art 552a Sv in raadkamer ingenomen standpunt.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (5)
- ECLI:NL:PHR:2024:279 Parket bij de Hoge Raad 16-04-2024
- ECLI:NL:PHR:2024:187 Parket bij de Hoge Raad 27-02-2024
- ECLI:NL:PHR:2021:223 Parket bij de Hoge Raad 09-03-2021
- ECLI:NL:PHR:2020:12 Parket bij de Hoge Raad 14-01-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:11 Parket bij de Hoge Raad 14-01-2020
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.069 tekens)
15 september 2009
Strafkamer
nr. 08/01000 B
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Zwolle-Lelystad van 13 februari 2008, nummer RK 07/1422, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door:
[Klaagster], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de klaagster. Namens deze heeft mr. N.C. Milani, advocaat te Lelystad, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De waarnemend Advocaat-Generaal Bleichrodt heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot terugwijzing van de zaak naar de Rechtbank Zwolle-Lelystad, opdat de zaak op het klaagschrift opnieuw wordt behandeld en afgedaan.
2. Beoordeling van het middel
2.1. Het middel, waarin niet wordt geklaagd over het ontbreken van het proces-verbaal van het onderzoek in raadkamer, klaagt dat de Rechtbank is afgeweken van een standpunt van de verdediging, dat duidelijk, door argumenten geschraagd en voorzien van een ondubbelzinnige conclusie ten overstaan van de Rechtbank naar voren is gebracht, maar in strijd met art. 359, tweede lid, Sv niet in het bijzonder de redenen heeft opgegeven die daartoe hebben geleid.
2.2. Het middel faalt omdat het miskent dat art. 359, tweede lid, Sv niet het oog heeft op een ter gelegenheid van de behandeling van een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv in raadkamer ingenomen standpunt.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.J. Verhoeven, in raadkamer en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 september 2009.
Strafkamer
nr. 08/01000 B
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Zwolle-Lelystad van 13 februari 2008, nummer RK 07/1422, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door:
[Klaagster], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de klaagster. Namens deze heeft mr. N.C. Milani, advocaat te Lelystad, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De waarnemend Advocaat-Generaal Bleichrodt heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot terugwijzing van de zaak naar de Rechtbank Zwolle-Lelystad, opdat de zaak op het klaagschrift opnieuw wordt behandeld en afgedaan.
2. Beoordeling van het middel
2.1. Het middel, waarin niet wordt geklaagd over het ontbreken van het proces-verbaal van het onderzoek in raadkamer, klaagt dat de Rechtbank is afgeweken van een standpunt van de verdediging, dat duidelijk, door argumenten geschraagd en voorzien van een ondubbelzinnige conclusie ten overstaan van de Rechtbank naar voren is gebracht, maar in strijd met art. 359, tweede lid, Sv niet in het bijzonder de redenen heeft opgegeven die daartoe hebben geleid.
2.2. Het middel faalt omdat het miskent dat art. 359, tweede lid, Sv niet het oog heeft op een ter gelegenheid van de behandeling van een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv in raadkamer ingenomen standpunt.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.J. Verhoeven, in raadkamer en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 september 2009.