Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2008:BG9039

2008-12-23 Strafrecht CPG 07/12049
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2008-12-23
Publicatiedatum
2013-04-05
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
CPG 07/12049
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Profijtontneming, w.v.v. uit verkoop cocaïne en heroïne. 1. Verweer dat voordeel dient te worden verdeeld over meer personen. Heeft Hof door te overwegen dat niet is "gebleken" dat overige dealers met betrokkene en zijn kompaan netwerk vormden "hogere bewijslast" op betrokkene gelegd, nu deze slechts door hem gestelde "aannemelijk" hoeft te maken? 2. Verweer dat waarde van verbeurdverklaarde voorwerpen op betalingsverplichting in mindering moet worden gebracht. HR: art. 81. RO.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.559 tekens)
27 januari 2009
Strafkamer
nr. S 07/12049
KD




Hoge Raad der Nederlanden




Arrest


op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 19 januari 2007, nummer 20/008703-05, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:



[betrokkene]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1978, wonende te [woonplaats].











1. Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft mr. R.J. Baumgardt, advocaat te Spijkenisse, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Vellinga heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.







2. Beoordeling van de middelen


De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.







3. Beslissing


De Hoge Raad verwerpt het beroep.









Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren J.W. Ilsink en W.M.E. Thomassen, in bijzijn van de waarnemend griffier
J.D.M. Hart, en uitgesproken op 27 januari 2009.