Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2008:BF3297

2008-11-18 Strafrecht 07/11473
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2008-11-18
Publicatiedatum
2013-04-05
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
07/11473
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | JOL 2008, 844 | RvdW 2008, 1075 | NJB 2008, 2192

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Vooruitlopen op verklaring getuige. Door te overwegen dat het standpunt van de getuige omtrent de gang van zaken tijdens het verhoor bekend is en betrouwbaar wordt geacht, is het Hof ten onrechte vooruitgelopen op de inhoud van de verklaring van die getuige.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (8)

Volledige tekst

Volledige tekst (3.230 tekens)
18 november 2008
Strafkamer
nr. 07/11473


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest


op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 1 februari 2007, nummer 20/011489-05, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1947, thans zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande.


1. Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. R.J. Baumgardt, advocaat te Spijkenisse, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Vellinga heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en terugwijzing van de zaak naar het Hof dan wel verwijzing naar een aangrenzend Hof teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.


2. Beoordeling van het eerste middel

2.1. Het middel klaagt onder meer dat het Hof het verzoek tot het horen van de getuige Jubithana ten onrechte, althans ontoereikend gemotiveerd heeft afgewezen.


2.2. Het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep houdt onder meer het volgende in:
"De raadsman verklaart, zakelijk weergegeven:
(...)
Primair ben ik van mening dat de verklaring van [betrokkene 1] onvoldoende is om vast te kunnen stellen dat mijn cliënt op de hoogte was van het vonnis. Bij zijn aanhouding op 24 oktober 2005 werd het vonnis aan hem medegedeeld en hij heeft vervolgens binnen veertien dagen hoger beroep ingesteld. Mijns inziens is hij derhalve ontvankelijk in zijn hoger beroep.
Subsidiair, indien het hof mijn mening niet deelt, doe ik het verzoek om [betrokkene 1] ter terechtzitting te horen.
(...)
Met betrekking tot het subsidiaire verweer overweegt het hof gelet op het vorenstaande als volgt:
Nu het standpunt van [betrokkene 1] omtrent de gang van zaken tijdens het verhoor bekend is en betrouwbaar wordt geacht, acht het hof het niet noodzakelijk om haar tenaanzien van haar standpunt alsnog te horen.
Het hiertoe strekkende verzoek van de raadsman wordt mitsdien afgewezen."


2.3. Door te overwegen dat het standpunt van de getuige omtrent de gang van zaken tijdens het verhoor bekend is en betrouwbaar wordt geacht, is het Hof ten onrechte vooruitgelopen op de inhoud van de verklaring van die getuige.

2.4. Het middel is in zoverre terecht voorgesteld.

3. Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, de middelen voor het overige geen bespreking behoeven en als volgt moet worden beslist.

4. Beslissing

De Hoge Raad:


vernietigt de bestreden uitspraak;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.


Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren J.W. Ilsink en W.M.E. Thomassen, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 18 november 2008.