Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2008:BD2406

2008-07-11 Civiel recht C07/015HR
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2008-07-11
Publicatiedatum
2013-04-05
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
C07/015HR
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | JOL 2008, 593 | RvdW 2008, 751 | JWB 2008/304

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Overeenkomstenrecht. Geschil over totstandkoming van onvoorwaardelijke koopovereenkomst ten overstaan van een notaris; aan definitief en volledig aanbod te stellen eisen, gerechtvaardigd vertrouwen? (81 RO).

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.983 tekens)
11 juli 2008
Eerste Kamer
Nr. C07/015HR
EV/MD


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:


[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. H.J.W. Alt,


t e g e n


[Verweerster],
wonende te [woonplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. P.J.M. von Schmidt auf Altenstadt.


Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerster].

1. Het geding in feitelijke instanties


[Eiser] heeft bij exploot van 27 februari 2004 [verweerster] gedagvaard voor de rechtbank Leeuwarden en gevorderd, kort gezegd, [verweerster] te veroordelen tot nakoming van de op 28 oktober 2002 ten kantore van notaris [de notaris] te [plaats] gesloten overeenkomst van koop en verkoop, zulks onder verbeurte van een dwangsom.
[Verweerster] heeft de vordering bestreden en, in reconventie, gevorderd, kort gezegd, dat indien tussen partijen een overeenkomst zou zijn gesloten, deze zal worden vernietigd op grond van een of meer wilsgebrek(en).
De rechtbank heeft, na comparitie van partijen, bij vonnis van 9 maart 2005 in conventie de vordering van [eiser] toegewezen en in reconventie de vordering van [verweerster] afgewezen.
Tegen dit vonnis heeft [verweerster] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Leeuwarden.
Bij arrest van 27 september 2006 heeft het hof het vonnis van de rechtbank vernietigd en, opnieuw rechtdoende, de vordering van [eiser] alsnog afgewezen.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.


2. Het geding in cassatie


Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[Verweerster] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.
De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 6 juni 2008 op die conclusie gereageerd.


3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing


De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 367,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.


Dit arrest is gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, A. Hammerstein, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.D.H. Asser op 11 juli 2008.