Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2008:BD1851
2008-07-11
Civiel recht
C07/070HR
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2008:BD1851 → ECLI:NL:PHR:2008:BD1851
Inhoudsindicatie
Beslag- en executierecht; opheffing conservatoir beslag tot levering van onroerend goed; belang in cassatie (81 RO).
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (3.107 tekens)
11 juli 2008
Eerste Kamer
Nr. C07/070HR
RM/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
NEDERLANDSCHE BELEGGINGSMAATSCHAPPIJ B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. D. Stoutjesdijk,
t e g e n
de vennootschap naar Duits recht RREEF INVESTMENT GmbH, voorheen genaamd DB REAL ESTATE INVESTMENT GmbH,
gevestigd te Eschborn, Duitsland,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M. Ynzonides.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als NBM en DB.
1. Het geding in feitelijke instanties
DB heeft bij exploot van 30 maart 2006 NBM in kort geding gedagvaard voor de rechtbank Amsterdam en gevorderd, kort gezegd, dat de voorzieningenrechter ten behoeve van de levering door DB aan Boundary Acquisitions Limited het conservatoir beslag op het winkelcentrum aan de Heiligeweg, de Kalverstraat en het Singel te Amsterdam (hierna: de Kalvertoren) zoals dat op 30 juni 2004 is ingeschreven in de daartoe bestemde openbare registers Hypotheken 3, deel 18419, nummer 24, opheft.
NBM heeft de vordering bestreden.
De voorzieningenrechter heeft bij vonnis van 11 mei 2006 de gevraagde voorziening geweigerd.
Tegen dit vonnis heeft DB hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. Ten pleidooie heeft DB haar eis gewijzigd en, kort gezegd, slechts opheffing van het beslag gevorderd. NBM heeft bezwaar gemaakt tegen deze wijziging van eis, welk bezwaar door het is verworpen.
Bij arrest van 2 november 2006 heeft het hof het vonnis waarvan beroep vernietigd en, opnieuw rechtdoende, het conservatoir beslag tot levering van de Kalvertoren opgeheven.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft NBM beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
DB heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor DB mede door mr. M.H. de Boer, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt NBM in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van DB begroot op € 371,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman, E.J. Numann, F.B. Bakels en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.D.H. Asser op 11 juli 2008.
Eerste Kamer
Nr. C07/070HR
RM/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
NEDERLANDSCHE BELEGGINGSMAATSCHAPPIJ B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. D. Stoutjesdijk,
t e g e n
de vennootschap naar Duits recht RREEF INVESTMENT GmbH, voorheen genaamd DB REAL ESTATE INVESTMENT GmbH,
gevestigd te Eschborn, Duitsland,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M. Ynzonides.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als NBM en DB.
1. Het geding in feitelijke instanties
DB heeft bij exploot van 30 maart 2006 NBM in kort geding gedagvaard voor de rechtbank Amsterdam en gevorderd, kort gezegd, dat de voorzieningenrechter ten behoeve van de levering door DB aan Boundary Acquisitions Limited het conservatoir beslag op het winkelcentrum aan de Heiligeweg, de Kalverstraat en het Singel te Amsterdam (hierna: de Kalvertoren) zoals dat op 30 juni 2004 is ingeschreven in de daartoe bestemde openbare registers Hypotheken 3, deel 18419, nummer 24, opheft.
NBM heeft de vordering bestreden.
De voorzieningenrechter heeft bij vonnis van 11 mei 2006 de gevraagde voorziening geweigerd.
Tegen dit vonnis heeft DB hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. Ten pleidooie heeft DB haar eis gewijzigd en, kort gezegd, slechts opheffing van het beslag gevorderd. NBM heeft bezwaar gemaakt tegen deze wijziging van eis, welk bezwaar door het is verworpen.
Bij arrest van 2 november 2006 heeft het hof het vonnis waarvan beroep vernietigd en, opnieuw rechtdoende, het conservatoir beslag tot levering van de Kalvertoren opgeheven.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft NBM beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
DB heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor DB mede door mr. M.H. de Boer, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt NBM in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van DB begroot op € 371,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman, E.J. Numann, F.B. Bakels en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.D.H. Asser op 11 juli 2008.