Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2007:AZ8167

2007-04-20 Civiel recht C06/026HR
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2007-04-20
Publicatiedatum
2013-04-05
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
C06/026HR
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | JOL 2007, 280 | RvdW 2007, 424 | NJB 2007, 1009 | BR 2007/199 | JWB 2007/139

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Burengeschil over uitzicht vanaf een dakterras (81 RO).

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.031 tekens)
20 april 2007
Eerste Kamer
Nr. C06/026HR
MK/AT


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:


[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,


t e g e n


1. [Verweerster 1],
2. [Verweerder 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
niet verschenen.


1. Het geding in feitelijke instanties


Eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - heeft bij exploot van 17 april 2003, hersteld bij exploot van 9 mei 2003, verweerders in cassatie - verder te noemen: [verweerder] c.s. - gedagvaard voor de rechtbank, sector kanton, Amsterdam en gevorderd, na wijziging van eis, [verweerder] c.s. te veroordelen tot het plaatsen van een afscheiding op hun terras, zodanig dat [verweerder] c.s. vanaf de ingang van hun dakterras tot aan het einde daarvan geen zicht hebben op de woning van [eiser], zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom, althans [verweerder] c.s. te gebieden te dulden dat [eiser] op hun kosten een afscheiding doet aanbrengen op het terras en [verweerder] c.s., op straffe van verbeurte van een dwangsom, te verbieden om binnen een afstand van 50 cm van de erfgrens plantenbakken of soortgelijke werken te hebben.
[Verweerder] c.s. hebben de vordering bestreden.
De kantonrechter heeft bij tussenvonnis van 27 augustus 2003 een comparitie van partijen gelast en bij eindvonnis van 21 april 2004 de vorderingen afgewezen.
Tegen dit eindvonnis heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. In hoger beroep heeft [eiser] zijn eis gewijzigd.
Bij arrest van 28 juli 2005 heeft het hof het vonnis van de kantonrechter bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.


2. Het geding in cassatie


Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen de niet verschenen [verweerder] c.s. is verstek verleend.
De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.


3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing


De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op nihil.


Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 20 april 2007.