Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2005:AT7301

2005-06-28 Strafrecht 02836/04 A
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2005-06-28
Publicatiedatum
2013-04-04
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
02836/04 A
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | JOL 2005, 407 | NJ 2005, 470 | NbSr 2005/294

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

De klacht dat het tenlastegelegde onvoldoende feitelijk is omschreven omdat daarin niet is vermeld uit welke gedragingen het seksueel binnendringen heeft bestaan, faalt omdat aan het begrip seksueel binnendringen voldoende feitelijke betekenis toekomt.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.729 tekens)
28 juni 2005
Strafkamer
nr. 02836/04 A
EC/AG


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest


op het beroep in cassatie tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 27 april 2004, nummer 901.267/02, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren op Curaçao op [geboortedatum] 1955, ten tijde van het instellen van beroep in cassatie gedetineerd in het Huis van Bewaring op Curaçao.


1. De bestreden uitspraak

Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van het Gerecht in Eerste Aanleg op Curaçao van 3 juli 2003 - de verdachte vrijgesproken van het hem bij inleidende dagvaarding onder 2 primair tenlastegelegde en hem voorts ter zake van 1. en 2 subsidiair: "feitelijke aanranding van de eerbaarheid, meermalen gepleegd" en 3. en 4. "verkrachting, meermalen gepleegd" veroordeeld tot zes jaren gevangenisstraf. Voorts heeft het Hof de vordering van de benadeelde partij [het slachtoffer] gedeeltelijk toegewezen tot een bedrag van NAF. 7.500,- en gedeeltelijk niet-ontvankelijk verklaard en [betrokkene 1] voor haar gehele vordering niet-ontvankelijk verklaard.

2. Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. G. Spong, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het beroep zal verwerpen.


3. Beoordeling van het eerste middel

3.1. Het middel klaagt dat het onder 4 tenlastegelegde onvoldoende feitelijk is omschreven omdat daarin niet is vermeld uit welke gedragingen het seksueel binnendringen heeft bestaan.

3.2. De klacht faalt omdat aan het begrip seksueel binnendringen voldoende feitelijke betekenis toekomt.

4. Beoordeling van de overige middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

5. Slotsom

Nu de middelen niet tot cassatie kunnen leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.

6. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president C.J.G. Bleichrodt als voorzitter, en de raadsheren J.P. Balkema en J. de Hullu, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 28 juni 2005.