Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2004:AR3092

2004-10-01 Bestuursrecht; Belastingrecht 38080
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2004-10-01
Publicatiedatum
2013-04-04
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
38080
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | Belastingblad 2004/1249 | BNB 2005/21 | FED 2004/538 | WFR 2004/1487 | V-N 2004/55.34 met annotatie van Redactie | JB 2004/335 | NTFR 2004/1473 met annotatie van Mr. R.A.V. Boxem

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Cassatieberoep ingesteld namens heffingsambtenaar, niet namens dagelijks bestuur. Niet-ontvankelijk.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.010 tekens)
Nr. 38.080
1 oktober 2004
RS


gewezen op het beroep in cassatie van de productmanager Belastingadministratie van het Zuiveringsschap Hollandse Eilanden en Waarden (hierna: de heffingsambtenaar) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 30 januari 2002, nr. BK-00/03034, betreffende na te melden aan X te Z opgelegde aanslag in de verontreinigingsheffing oppervlaktewateren.

1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof


Aan belanghebbende is voor het jaar 1998 een aanslag in de verontreinigingsheffing oppervlaktewateren van het Zuiveringsschap Hollandse Eilanden en Waarden (hierna: het Zuiveringsschap) opgelegd, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de heffingsambtenaar is gehandhaafd.
Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij het Hof.
Het Hof heeft het beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de heffingsambtenaar vernietigd, en de aanslag verminderd tot een aanslag, berekend naar een vervuilingswaarde van 3 vervuilingseenheden. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.


2. Geding in cassatie


De heffingsambtenaar heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Belanghebbende heeft een verweerschrift ingediend.
De Advocaat-Generaal Th. Groeneveld heeft op 30 december 2003 geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep in cassatie.


3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het cassatieberoep

3.1. Het beroep in cassatie is namens het Zuiveringsschap ingesteld door mr. W.L. Bos, advocaat en procureur bij het Zuiveringsschap. Bij brief van 4 september 2003 heeft de griffier van de Hoge Raad aan mr. Bos verzocht te verduidelijken namens welk orgaan van het Zuiveringsschap hij het cassatieberoep heeft ingesteld. Mr. Bos heeft daarop bij brief van 26 september 2003 geantwoord dat hij het cassatieberoep heeft ingesteld namens de heffingsambtenaar.

3.2. Het moet er derhalve voor worden gehouden dat de heffingsambtenaar beroep in cassatie heeft ingesteld. Ingevolge artikel 28a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen juncto artikel 123, lid 3, aanhef en letter a, van de Waterschapswet is echter het dagelijks bestuur van het Zuiveringsschap bij uitsluiting bevoegd tot het instellen van beroep in cassatie. De Hoge Raad zal daarom het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaren (vgl. HR 7 juni 2002, nr. 36445, BNB 2002/279).

4. Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

5. Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.G. Pos als voorzitter, en de raadsheren L. Monné en C.J.J. van Maanen, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 1 oktober 2004.