Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2003:AF1560
2003-02-07
Civiel recht
C01/165HR
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2003:AF1560 → ECLI:NL:PHR:2003:AF1560
Inhoudsindicatie
-
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.795 tekens)
7 februari 2003
Eerste Kamer
Nr. C01/165HR
RM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. E. van Staden ten Brink,
t e g e n
BOUWMARKT HULST B.V.,
gevestigd te Hulst,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. D. Stoutjesdijk.
1. Het geding in feitelijke instanties
Eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - heeft bij exploit van 1 oktober 1998 verweerster in cassatie - verder te noemen: Bouwmarkt - gedagvaard voor de Rechtbank te Middelburg en gevorderd bij vonnis voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, Bouwmarkt te veroordelen tot:
1. betaling van ƒ 30.156,--, te vermeerderden met det wettelijke rente vanaf 10 april 1990 althans vanaf de dag der dagvaarding;
2. betaling van ƒ 2.997,48 ter zake van buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding.
Bouwmarkt heeft de vordering bestreden.
De Rechtbank heeft bij vonnis van 6 oktober 1999 [eiser] diens vorderingen ontzegd.
Tegen dit vonnis heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te 's-Gravenhage.
Bij arrest van 15 februari 2001 heeft het Hof het bestreden vonnis bekrachtigd.
Het arrest van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het Hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Bouwmarkt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep, met toepassing van art. 81 RO.
De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 13 december 2002 op deze conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Bouwmarkt begroot op € 425,28 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.E.M. van der Putt-Lauwers, als voorzitter, H.A.M. Aaftink en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 7 februari 2003.
Eerste Kamer
Nr. C01/165HR
RM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. E. van Staden ten Brink,
t e g e n
BOUWMARKT HULST B.V.,
gevestigd te Hulst,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. D. Stoutjesdijk.
1. Het geding in feitelijke instanties
Eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - heeft bij exploit van 1 oktober 1998 verweerster in cassatie - verder te noemen: Bouwmarkt - gedagvaard voor de Rechtbank te Middelburg en gevorderd bij vonnis voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, Bouwmarkt te veroordelen tot:
1. betaling van ƒ 30.156,--, te vermeerderden met det wettelijke rente vanaf 10 april 1990 althans vanaf de dag der dagvaarding;
2. betaling van ƒ 2.997,48 ter zake van buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding.
Bouwmarkt heeft de vordering bestreden.
De Rechtbank heeft bij vonnis van 6 oktober 1999 [eiser] diens vorderingen ontzegd.
Tegen dit vonnis heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te 's-Gravenhage.
Bij arrest van 15 februari 2001 heeft het Hof het bestreden vonnis bekrachtigd.
Het arrest van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het Hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Bouwmarkt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep, met toepassing van art. 81 RO.
De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 13 december 2002 op deze conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Bouwmarkt begroot op € 425,28 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.E.M. van der Putt-Lauwers, als voorzitter, H.A.M. Aaftink en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 7 februari 2003.