Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2002:AE9234

2002-10-25 Civiel recht C01/047HR
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2002-10-25
Publicatiedatum
2013-04-04
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
C01/047HR
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | JOL 2002, 566 | JWB 2002/393

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

-

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.160 tekens)
25 oktober 2002
Eerste Kamer
Nr. C01/047HR
MD


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:


1. [Eiseres 1], gevestigd te [vestigingsplaats],
2. [Eiseres 2], gevestigd te [vestigingsplaats],
3. [Eiser 3], wonende te [woonplaats],


EISERS tot cassatie,

advocaat: mr. Ph.W.M. ter Burg,

t e g e n

STICHTING PENSIOENFONDS CSM SUIKER B.V., gevestigd te Amsterdam,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. P.J.M. von Schmidt auf Altenstadt.

1. Het geding in feitelijke instanties


Verweerster in cassatie - verder te noemen: het Pensioenfonds - heeft bij twee exploiten van 8 januari 1996 eisers tot cassatie - verder te noemen: [eiser] c.s. - gedagvaard voor de Rechtbank te Zutphen en gevorderd bij vonnis, zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, [eiser] c.s. hoofdelijk, des dat de een be-talende de anderen zullen zijn gekweten, te veroordelen om aan het Pensioenfonds te betalen een bedrag van ƒ 3.100.000,---, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 1995, althans de dag der dagvaarding tot aan die der algehele voldoening, met veroordeling van [eiser] c.s. in de kosten van deze procedure, de beslagkosten daaronder begrepen.
[Eiser] c.s. hebben de vordering bestreden.
De Rechtbank heeft bij vonnis van 11 juli 1996 de vordering afgewezen.
Tegen dit vonnis heeft het Pensioenfonds hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te Arnhem.
Bij tussenarrest van 18 augustus 1998 heeft het Hof het Pensioenfonds tot bewijslevering toegelaten. Na enquête en contra-enquête heeft het Hof bij eindarrest van 15 augustus 2000 het vonnis van de Rechtbank van 11 juli 1996 vernietigd en opnieuw rechtdoende de vordering van het Pensioenfonds alsnog toegewezen.
Het eindarrest van het Hof is aan dit arrest gehecht.


2. Het geding in cassatie


Tegen het eindarrest van het Hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Het Pensioenfonds heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.


3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing


De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van het Pensioenfonds begroot op € 4.314,18 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.


Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.E.M. van der Putt-Lauwers, als voorzitter, H.A.M. Aaftink en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 25 oktober 2002.