Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2001:AD4322
2001-11-06
Strafrecht
02008/99
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2001:AD4322 → ECLI:NL:PHR:2001:AD4322
Inhoudsindicatie
-
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (4)
- ECLI:NL:PHR:2020:396 Parket bij de Hoge Raad 21-04-2020
- ECLI:NL:PHR:2019:377 Parket bij de Hoge Raad 16-04-2019
- ECLI:NL:PHR:2017:274 Parket bij de Hoge Raad 07-03-2017
- ECLI:NL:PHR:2016:708 Parket bij de Hoge Raad 31-05-2016
Volledige tekst
Volledige tekst (1.811 tekens)
6 november 2001
Strafkamer
nr. 02008/99
KD/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 6 augustus 1999, nummer 20/000560-98, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1938, wonende te [woonplaats].
1. De bestreden uitspraak
Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van de Politierechter in de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch van 20 oktober 1997, voorzover aan 's Hofs oordeel onderworpen - de verdachte ter zake van 1. primair "medeplegen van smaad" veroordeeld tot één maand voorwaardelijke gevangenisstraf, met een proeftijd van twee jaren. Voorts heeft het Hof de benadeelde partij in haar vordering niet-ontvankelijk verklaard.
2. Geding in cassatie
2.1.Het beroep is ingesteld door de verdachte. Middelen van cassatie zijn door of namens deze niet voorgesteld.
De Advocaat-Generaal Wortel heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2.2. De Hoge Raad heeft kennis genomen van het schriftelijk commentaar van de verdachte op de conclusie van de Advocaat-Generaal.
3. Ambtshalve beoordeling van de bestreden uitspraak
De Hoge Raad oordeelt geen grond aanwezig waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden
vernietigd. Daarom moet het cassatieberoep worden verworpen.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.J.M. Davids als voorzitter, en de raadsheren A.M.M. Orie en A.J.A. van Dorst, in bijzijn van de waarnemend-griffier M.I. Veldt-Foglia, en uitgesproken op 6 november 2001.
Strafkamer
nr. 02008/99
KD/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 6 augustus 1999, nummer 20/000560-98, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1938, wonende te [woonplaats].
1. De bestreden uitspraak
Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van de Politierechter in de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch van 20 oktober 1997, voorzover aan 's Hofs oordeel onderworpen - de verdachte ter zake van 1. primair "medeplegen van smaad" veroordeeld tot één maand voorwaardelijke gevangenisstraf, met een proeftijd van twee jaren. Voorts heeft het Hof de benadeelde partij in haar vordering niet-ontvankelijk verklaard.
2. Geding in cassatie
2.1.Het beroep is ingesteld door de verdachte. Middelen van cassatie zijn door of namens deze niet voorgesteld.
De Advocaat-Generaal Wortel heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2.2. De Hoge Raad heeft kennis genomen van het schriftelijk commentaar van de verdachte op de conclusie van de Advocaat-Generaal.
3. Ambtshalve beoordeling van de bestreden uitspraak
De Hoge Raad oordeelt geen grond aanwezig waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden
vernietigd. Daarom moet het cassatieberoep worden verworpen.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.J.M. Davids als voorzitter, en de raadsheren A.M.M. Orie en A.J.A. van Dorst, in bijzijn van de waarnemend-griffier M.I. Veldt-Foglia, en uitgesproken op 6 november 2001.