Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2001:AD3962

2001-11-30 Civiel recht C00/068HR
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2001-11-30
Publicatiedatum
2013-04-04
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
C00/068HR
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | JOL 2001, 714 | JWB 2001/334

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

-

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.028 tekens)
30 november 2001
Eerste Kamer
Nr. C00/068HR
MP


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:


1. [Eiser 1],
2. [Eiseres 2],
beiden wonende te [woonplaats],


EISERS tot cassatie,

advocaat: mr. L.A. van der Niet,

t e g e n


1. [Verweerder 1], wonende te [woonplaats],
2. [Verweerster 2], wonende te [woonplaats],
3. [Verweerster 3], wonende te [woonplaats]


VERWEERSTERS in cassatie,

advocaat: mr. G.C. Makkink.

1. Het geding in feitelijke instanties


Eisers tot cassatie - verder te noemen: [eiser] c.s. - hebben bij exploit van 24 september 1996 verweersters in cassatie - verder te noemen: [verweerder] c.s. - gedagvaard voor de Rechtbank te 's-Gravenhage en gevorderd bij vonnis voorzover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad [verweerder] c.s. te veroordelen om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan [eiser] c.s. te voldoen een bedrag groot ƒ 36.261,60 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag dat de schade werd geconstateerd t.w. 1 november 1994 subsidiair vanaf de dag der dagvaarding tot aan die der voldoening.
[Verweerder] c.s. hebben de vordering bestreden.
De Rechtbank heeft bij vonnis van 4 februari 1998 [verweerder] c.s. veroordeeld om aan [eiser] c.s. te betalen een bedrag van ƒ 35.261,60 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 24 september 1996.
Tegen dit vonnis hebben [verweerder] c.s. hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te 's-Gravenhage.
Bij arrest van 18 november 1999 heeft het Hof het bestreden vonnis vernietigd en, opnieuw rechtdoende, de vordering afgewezen.
Het arrest van het Hof is aan dit arrest gehecht.


2. Het geding in cassatie


Tegen het arrest van het Hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[Verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal C.L. de Vries Lentsch-Kostense strekt tot verwerping van het beroep.


3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 101a RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing


De Hoge Raad:
Verwerpt het beroep;
Veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op ƒ 1.027,20 aan verschotten en ƒ 3.000,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren R. Herrmann, als voorzitter, A.E.M. van der Putt-Lauwers en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 30 november 2001.