Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2001:AA9772

2001-02-02 Civiel recht R00/152HR
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2001-02-02
Publicatiedatum
2013-04-04
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
R00/152HR
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | JOL 2001, 84 | JWB 2001/46 | BJ 2001/4

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

-

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.911 tekens)
2 februari 2001
Eerste Kamer
Rek.nr. R00/152HR



Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking


in de zaak van:

[Verzoekster], wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. G.E.M. Later.

1. Het geding in feitelijke instantie


De Officier van Justitie in het arrondissement Amsterdam heeft op 4 september 2000 onder overlegging van een op 31 augustus 2000 ondertekende geneeskundige verklaring een vordering ingediend bij de Rechtbank aldaar tot het verlenen van een machtiging tot voortgezet verblijf van verzoekster tot cassatie - verder te noemen: verzoekster - in een psychiatrisch ziekenhuis.
Nadat de Rechtbank verzoekster, bijgestaan door haar advocaat, en de behandelend arts op 26 september 2000 had gehoord, heeft zij bij beschikking van 26 september 2000 de machtiging tot voortgezet verblijf van verzoekster in een psychiatrisch ziekenhuis verleend voor de duur van zes maanden, ingaande op 27 september 2000 en eindigende op 26 maart 2001.
De beschikking van de Rechtbank is aan deze beschikking gehecht.


2. Het geding in cassatie


Tegen de beschikking van de Rechtbank heeft verzoekster beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.


3. Beoordeling van het middel

Het middel faalt op de gronden uiteengezet in de conclusie van de Advocaat-Generaal Langemeijer.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president F.H.J. Mijnssen als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman en A. Hammerstein, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.H. Heemskerk op 2 februari 2001.