Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2000:AA8451

2000-11-24 Civiel recht R00/106
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2000-11-24
Publicatiedatum
2013-04-04
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
R00/106
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | JWB 2000/218

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

-

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.812 tekens)
24 november 2000
Eerste Kamer
Rek.nr. R00/106HR




Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking


in de zaak van:


[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER.












1. Het verloop van de procedure
Bij op 21 juni 2000 ter griffie van de Hoge Raad ingekomen verzoekschrift heeft verzoeker - hierna te noemen: [verzoeker] - de Hoge Raad verzocht hem toestemming te verlenen zelf, dat wil zeggen zonder de tussenkomst van een advocaat bij de Hoge Raad, cassatie in te stellen tegen het op 22 maart 2000 in de zaak onder rolnr. 9900034 tussen hem en 1) de Gemeente Groningen en 2) de Stichting De Baak gewezen arrest.
De plaatsvervangend Procureur-Generaal heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van verzoeker.
[Verzoeker] heeft op die conclusie gereageerd bij brief van 14 september 2000.



2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het verzoek
Een verzoekschrift kan, tenzij op grond van de wet anders moet worden aangenomen, door de Hoge Raad slechts in behandeling worden genomen indien het is getekend door een advocaat bij de Hoge Raad. In het onderhavige geval, dat overigens een verzoek betreft dat op grond van het bepaalde in art. 407 lid 3 Rv. niet voor inwilliging vatbaar zou zijn, biedt de wet voor het aannemen van een uitzondering op deze hoofdregel geen grond.




3. Beslissing
De Hoge Raad verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk in diens verzoek.


Deze beschikking is gegeven door de raadsheren J.B. Fleers, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en A. Hammerstein, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.H. Heemskerk op 24 november 2000.