Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2000:AA7305

2000-10-03 Strafrecht 01441/00 U
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2000-10-03
Publicatiedatum
2013-04-04
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
01441/00 U
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

-

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.701 tekens)
3 oktober 2000
Strafkamer
nr. 01441/00 U



Hoge Raad der Nederlanden
Arrest



op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de
Arrondissementsrechtbank te Amsterdam van 15 februari 2000, parketnummer
98-T2-13-7100-025, op een verzoek van de Macedonische autoriteiten tot
uitlevering van:
[de opgeëiste persoon], geboren te [geboorteplaats] (Tsjecho-Slowakije) op
[geboortedatum] 1957, zonder bekende woonplaats hier te lande, ten tijde van de
bestreden uitspraak uit anderen hoofde gedetineerd in het Huis van Bewaring “De
Zwaag” te Hoorn.


1. De bestreden uitspraak


De Rechtbank heeft toelaatbaar verklaard de uit-levering van [de opgeëiste
persoon] aan de Republiek Macedonië tot tenuitvoerlegging van de vrijheids
-benemende straf hem opgelegd ter zake van het feit zoals omschreven in het in
de bestreden uitspraak onder 3 genoemde arrest.


2. Geding in cassatie


2.1. Het beroep is ingesteld door de opgeëiste persoon.
Namens deze heeft mr. A.A. Franken, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur
middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en
maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Jörg heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het beroep zal
verwerpen. De conclusie en de aanvullende conclusie zijn aan dit arrest gehecht.



2.2. De Hoge Raad heeft kennis genomen van het schriftelijk commentaar van de
raadsman op de conclusie van de Advocaat-Generaal.


3. Beoordeling van het eerste middel


Het middel kan niet tot cassatie leiden op de gronden als vermeld onder 2 tot en
met 4 in de conclusie van de Advocaat-Generaal.


4. Beoordeling van het tweede en het derde middel


De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 101a RO,
geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van
rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.


5. Slotsom


Nu geen van de middelen tot cassatie kan leiden,
terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden
uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden
verworpen.


6. Beslissing


De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de president W.E. Haak als voor-zit-ter, en de
raadsheren G.J.M. Corstens en J.P. Balkema, in bijzijn van de griffier S.P.
Bakker, en uitgesproken op 3 oktober 2000.