Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:1987:AD0060

1987-11-20 Civiel recht 7182
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
1987-11-20
Publicatiedatum
2013-04-04
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
7182
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | NJ 1988, 657 met annotatie van E.A.A. Luijten

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Ondertoezichtstelling van kinderen. Bedreigd worden met zedelijke of lichamelijke ondergang.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.658 tekens)
20 november 1987
Eerste Kamer
Rek.nr. 7182
AK



Hoge Raad der Nederlanden





Beschikking
in de zaak van:



DE RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING te Amsterdam,
gevestigd te Amsterdam,
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: Mr. J.Th. Vermeulen,



tegen




[de vader]

en

[de moeder],
wonende te [woonplaats]
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: Mr. H.H. Barendrecht.





1. Het geding in feitelijke instanties


Op verzoek van de Raad voor de Kinderbescherming te Amsterdam heeft de Kinderrechter in de Rechtbank te Amsterdam bij beschikking van 19 maart 1986 de minderjarige [de dochter], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1968, onder toezicht gesteld voor de termijn van een jaar, met benoeming van een door de Stichting Jeugd en Gezin te Amsterdam aan te wijzen gezinsvoogd.
Tegen deze beschikking hebben verweerders in cassatie - de ouders - hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam.
Bij beschikking van 24 november 1986 heeft het Hof de beschikking van de Kinderrechter vernietigd en het verzoek alsnog afgewezen.
De beschikking van het Hof is aan deze beschikking gehecht.



2. Het geding in cassatie


Tegen de beschikking van het Hof heeft de Raad voor de Kinderbescherming te Amsterdam beroep in cassatie ingesteld. Het cassatie-rekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De ouders hebben verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal Meijers strekt tot verwerping van het beroep.



3. Beoordeling van het middel


Art. 1:254 1id 1 BW stelt voor ondertoezichtstelling de voorwaarde dat het kind zodanig opgroeit, dat het met zedelijke of lichamelijke ondergang "wordt bedreigd". 's Hofs oordeel dat aan die voorwaarde niet is voldaan, geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. De rechtsklacht van het middel faalt derhalve.
Ook de motiveringsklacht faalt. 's Hofs beslissing is niet onbegrijpelijk en behoefde geen nadere motivering. Met name behoefde het Hof niet nader in te gaan op de positie van Petra en haar relatie tot haar ouders, noch nader aan te geven hoe de door Petra nodig geoordeelde hulp kan functioneren op vrijwillige basis.



4. Beslissing


De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de president Ras als voorzitter, de vice-president Martens, en de raadsheren Van den Blink, Hermans en Bloembergen, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president Martens op 20 november 1987.