Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

ECLI:NL:GHSHE:2025:2177

2025-08-05 Civiel recht; Burgerlijk procesrecht 200.347.722_01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Uitspraakdatum
2025-08-05
Publicatiedatum
2025-08-05
Rechtsgebied
Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
200.347.722_01
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

-Vordering ex artikel 351 Rv. Vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden vonnis na afweging van de wederzijdse belangen toegewezen.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.934 tekens)
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Team Handelsrecht


zaaknummer 200.347.722/01

arrest van 5 augustus 2025 strekkende tot VERBETERING in de zin van artikel 31 Rv van het arrest, gewezen op 8 juli 2025




in de procedure in hoger beroep die bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch aanhangig is tussen





1 [appellant] ,

2. [appellante],
beiden wonende te [woonplaats] ,
appellanten in principaal hoger beroep,
geïntimeerden in incidenteel hoger beroep,
eisers in het incident,
advocaat: mr. T.G.G. Raijmakers te Eindhoven,



tegen





1 [geïntimeerde 1] ,
2. [geïntimeerde 2],

beiden wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerden in principaal hoger beroep,
appellanten in incidenteel hoger beroep,
verweerders in het incident,
advocaat: mr. S.M.E. Janssen te Helmond.



1. Bij e-mail van 9 juli 2025 heeft mr. Raijmakers aan de griffier van het hof bericht dat het hem voorkomt dat het dictum van het arrest in het incident van 8 juli 2025 een kennelijke fout bevat. Volgens mr. Raijmakers blijkt uit de rechtsoverwegingen van het arrest dat de vordering in het incident wordt toegewezen, maar staat in het dictum - ten onrechte - vermeld dat de vordering wordt afgewezen. Mr. Raijmakers vraagt het dictum van het arrest op de voet van artikel 31 Rv te verbeteren.

2. Bij brief van 15 juli 2025 is mr. Janssen in de gelegenheid gesteld om zich namens haar cliënten schriftelijk over het verzoek uit te laten. Mr. Janssen heeft van die mogelijkheid binnen de gestelde termijn van veertien dagen geen gebruik gemaakt.

3. Het hof is van oordeel dat mr. Raijmakers terecht heeft geconcludeerd dat sprake is van een kennelijke fout. Uit de rechtsoverwegingen van het arrest, waaronder met name rechtsoverweging 3.10, blijkt onmiskenbaar dat de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden vonnis toewijsbaar is. In het dictum is dus ten onrechte vermeld dat het hof de vordering in het incident afwijst.

4. Vermeld arrest zal mitsdien op de volgende wijze worden verbeterd.


Het hof:



bepaalt dat in het dictum van het tussen bovenvermelde partijen gewezen arrest van 8 juli 2025 de vermelding "wijst de vordering af" moet worden verbeterd en gewijzigd in: "wijst de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden vonnis toe";



bepaalt dat deze verbetering onder vermelding van de datum van 5 augustus 2025 wordt vermeld op de minuut van het arrest van 8 juli 2025.



Dit arrest is gewezen door mrs. E.H. Schulten, J.M.H. Schoenmakers en B.E.L.J.C. Verbunt en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 5 augustus 2025.



griffier rolraadsheer