Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

ECLI:NL:GHSHE:2024:2727

2024-04-25 Civiel recht; Personen- en familierecht 200.338.526_01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Uitspraakdatum
2024-04-25
Publicatiedatum
2024-08-27
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
200.338.526_01
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

NN

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (4.222 tekens)
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH


Team familie- en jeugdrecht



Uitspraak : 25 april 2024
Zaaknummer : 200.338.526/01
Zaaknummer eerste aanleg : C/03/315361 / FA RK 23-839




in de zaak in hoger beroep van:





[de moeder]
,
wonende te [woonplaats] ,
verzoekster in hoger beroep,
hierna te noemen: de moeder,
advocaat: mr. H.C. Egger-van Oppen,



tegen





[de man]
,
wonende te [woonplaats] ,
verweerder in hoger beroep,
hierna te noemen: de man,
advocaat: mr. M.J.L. van den Aker-Groffen.



Deze zaak gaat over:


[minderjarige]
, geboren op [geboortedatum] 2011 te [geboorteplaats] ,
hierna te noemen: [minderjarige] .



Als belanghebbende merkt het hof aan:




Stichting Bureau Jeugdzorg Limburg,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
hierna te noemen: de GI.



In zijn hoedanigheid als omschreven in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is in de procedure gekend:

de Raad voor de Kinderbescherming,
hierna te noemen: de raad.





1Het geding in eerste aanleg


Het hof verwijst voor het verloop van het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, van 14 december 2023, uitgesproken onder voormeld zaaknummer.







2Het geding in hoger beroep


2.1.
Bij beroepschrift met producties, ingekomen ter griffie op 6 maart 2024, heeft de moeder verzocht uitvoerbaar bij voorraad:
1. voormelde uitspraak te vernietigen;
2. de man in zijn verzoek tot vervangende toestemming voor erkenning van [minderjarige] niet-ontvankelijk te verklaren;
3. subsidiair: voor zover de man wel ontvankelijk is in zijn verzoek dit af te wijzen;
4. de proceskosten tussen partijen te compenseren.





3De beoordeling


3.1.
Omdat deze procedure betrekking heeft op de afstamming van [minderjarige] , moet zij op grond van artikel 1:212 van het Burgerlijk Wetboek (BW) worden vertegenwoordigd door een bijzondere curator.



3.2.
Mr. S.C. van Heerd, die in eerste aanleg als bijzondere curator is opgetreden voor [minderjarige] heeft zich desgevraagd bereid verklaard om weer als bijzondere curator op te treden. Het hof zal hem in die hoedanigheid benoemen.



3.3.

Het hof verwacht van de bijzondere curator dat hij verslag doet van zijn bevindingen en daarbij een (nader) standpunt over het afstammingsverzoek zal innemen.
Het hof zal de griffier gelasten een kopie van de processtukken en tevens de actuele adresgegevens van alle belanghebbenden aan de bijzondere curator te verstrekken.




3.4.
Dit brengt mee dat nu als volgt wordt beslist. Daarbij behoudt het hof zich iedere verdere beslissing voor.





4De beslissing


Het hof:



benoemt tot bijzondere curator over [minderjarige], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2011, mr. S.C. van Heerd, advocaat, kantoorhoudende te Venlo;



bepaalt dat de griffier van dit hof:



er voor zorgt dat de bijzondere curator de beschikking krijgt over de actuele adresgegevens van alle betrokkenen;


er voor zorgt dat de bijzondere curator de beschikking krijgt over alle processtukken die zich in het dossier bevinden;




verzoekt de bijzondere curator schriftelijk verslag te doen van zijn bevindingen en daarbij een (nader) standpunt over het afstammingsverzoek in te nemen;



houdt iedere verdere beslissing aan.



Deze beschikking is gegeven door mrs. E.M.C. Dumoulin, E.P. de Beij en K.A. Boshouwers en is op 25 april 2024. uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.