Gerechtshof 's-Hertogenbosch
ECLI:NL:GHSHE:2021:2648
2021-08-26
Civiel recht; Personen- en familierecht
200.294.085_01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- tussenuitspraak ECLI:NL:GHSHE:2022:579 → ECLI:NL:GHSHE:2021:2648
Inhoudsindicatie
Partneralimentatie Verdeling
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (3.209 tekens)
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
Team familie- en jeugdrecht
Uitspraak: 26 augustus 2021
Zaaknummer: 200.294.085/01
Zaaknummer eerste aanleg: C/02/371808 / FA RK 20-2282
in de zaak in hoger beroep van:
[de vrouw]
,
wonende te
[woonplaats],
verzoekster in principaal hoger beroep,
verweerster in incidenteel hoger beroep,
hierna te noemen: de vrouw,
advocaat: mr. P.R. Klaver,
tegen
[de man]
,
wonende te
[woonplaats],
verweerder in principaal hoger beroep,
verzoeker in incidenteel hoger beroep,
hierna te noemen: de man,
advocaat: mr. C.J.H.E. Jeurissen.
1Het geding in eerste aanleg
Het hof verwijst voor het verloop van het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Middelburg, van 17 februari 2021.
2Het geding in hoger beroep
De vrouw is op 7 mei 2021 in hoger beroep gekomen tegen voormelde beschikking.
De vrouw heeft “vol appel” ingesteld tegen de bestreden beschikking, aangezien zij in grief 1 aanvoert dat de rechtbank ten onrechte de echtscheiding tussen partijen heeft uitgesproken.
De man heeft op 12 juli 2021 een verweerschrift tevens houdende een incidenteel hoger beroep ingediend.
Bij V8-formulier met bijlage van 30 juli 2021 heeft de vrouw grief 1 gericht tegen echtscheiding ingetrokken.
Bij V8-formulier van 4 augustus 2021 heeft de man het hof bericht dat hij akkoord gaat met de intrekking van de grief tegen de echtscheiding.
3De beoordeling
Het hof maakt uit voormelde berichten op dat door de vrouw het hoger beroep tegen de echtscheiding niet wordt gehandhaafd en zij zich niet langer verzet tegen de door de rechtbank tussen partijen uitgesproken echtscheiding.
Dit brengt met zich dat de vrouw niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar verzoek in hoger beroep, alleen voor zover zij daarbij heeft verzocht om het verzoek van de man tot echtscheiding alsnog af te wijzen (punt I van het petitum van het beroepschrift).
Nu niet langer sprake is van een “vol appel” kan bij de griffie van het hof een akte van non-appèl worden opgevraagd, waarna de echtscheiding kan worden ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.
4De beslissing
Het hof:
verklaart de vrouw niet-ontvankelijk in het verzoek in hoger beroep, alleen voor zover dit verzoek, zoals weergegeven in punt I van het petitum van het beroepschrift, is gericht tegen de door de rechtbank tussen partijen uitgesproken echtscheiding.
Deze beschikking is gegeven door mrs. C.D.M. Lamers, E.P. de Beij en C.L.M. Smeets en is in het openbaar uitgesproken op 26 augustus 2021 door mr. H. van Winkel in tegenwoordigheid van de griffier.
Team familie- en jeugdrecht
Uitspraak: 26 augustus 2021
Zaaknummer: 200.294.085/01
Zaaknummer eerste aanleg: C/02/371808 / FA RK 20-2282
in de zaak in hoger beroep van:
[de vrouw]
,
wonende te
[woonplaats],
verzoekster in principaal hoger beroep,
verweerster in incidenteel hoger beroep,
hierna te noemen: de vrouw,
advocaat: mr. P.R. Klaver,
tegen
[de man]
,
wonende te
[woonplaats],
verweerder in principaal hoger beroep,
verzoeker in incidenteel hoger beroep,
hierna te noemen: de man,
advocaat: mr. C.J.H.E. Jeurissen.
1Het geding in eerste aanleg
Het hof verwijst voor het verloop van het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Middelburg, van 17 februari 2021.
2Het geding in hoger beroep
De vrouw is op 7 mei 2021 in hoger beroep gekomen tegen voormelde beschikking.
De vrouw heeft “vol appel” ingesteld tegen de bestreden beschikking, aangezien zij in grief 1 aanvoert dat de rechtbank ten onrechte de echtscheiding tussen partijen heeft uitgesproken.
De man heeft op 12 juli 2021 een verweerschrift tevens houdende een incidenteel hoger beroep ingediend.
Bij V8-formulier met bijlage van 30 juli 2021 heeft de vrouw grief 1 gericht tegen echtscheiding ingetrokken.
Bij V8-formulier van 4 augustus 2021 heeft de man het hof bericht dat hij akkoord gaat met de intrekking van de grief tegen de echtscheiding.
3De beoordeling
Het hof maakt uit voormelde berichten op dat door de vrouw het hoger beroep tegen de echtscheiding niet wordt gehandhaafd en zij zich niet langer verzet tegen de door de rechtbank tussen partijen uitgesproken echtscheiding.
Dit brengt met zich dat de vrouw niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar verzoek in hoger beroep, alleen voor zover zij daarbij heeft verzocht om het verzoek van de man tot echtscheiding alsnog af te wijzen (punt I van het petitum van het beroepschrift).
Nu niet langer sprake is van een “vol appel” kan bij de griffie van het hof een akte van non-appèl worden opgevraagd, waarna de echtscheiding kan worden ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.
4De beslissing
Het hof:
verklaart de vrouw niet-ontvankelijk in het verzoek in hoger beroep, alleen voor zover dit verzoek, zoals weergegeven in punt I van het petitum van het beroepschrift, is gericht tegen de door de rechtbank tussen partijen uitgesproken echtscheiding.
Deze beschikking is gegeven door mrs. C.D.M. Lamers, E.P. de Beij en C.L.M. Smeets en is in het openbaar uitgesproken op 26 augustus 2021 door mr. H. van Winkel in tegenwoordigheid van de griffier.