Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

ECLI:NL:GHSHE:2020:2710

2020-09-01 Civiel recht 200.203.700_01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Uitspraakdatum
2020-09-01
Publicatiedatum
2020-09-01
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
200.203.700_01
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

vervolg tussenarrest 24-12-2019

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (4.971 tekens)
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Team handelsrecht

zaaknummer 200.203.700/01



arrest van 1 september 2020



in de zaak van




[appellante]
,
wonende te [woonplaats] , Duitsland,
appellante,
advocaat: mr. J.J.M.C. Huppertz te Maastricht,


tegen




Charles Léon Jules Raoul Lückers in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [de gefailleerde] , h.o.d.n. Tandheelkundig Centrum [vestigingsnaam] ,zaakdoende en wonende te [zaak- en woonplaats] ,



Charles Léon Jules Raoul Lückers pro se,wonende te [woonplaats] ,



geïntimeerden,
advocaat: mr. A.L. Stegeman te Heerlen,


als vervolg op de door het hof gewezen tussenarresten van 19 december 2017, 7 augustus 2018, 8 januari 2019 en 24 december 2019.



14Het verdere verloop van de procedure


Het verloop van de procedure blijkt uit:



het tussenarrest van 24 december 2019;


de akte na tussenarrest met producties van de curator;


de antwoordakte van [appellante] .




Het hof heeft vervolgens een datum voor arrest bepaald.





15De verdere beoordeling


15.1.

Bij het tussenarrest van 24 december 2019 heeft het hof (onder meer) overwogen dat de totale - behoudens door de curator te leveren tegenbewijs - concurrente boedelvordering van [appellante] bedraagt € 24.211,36, waarop door de curator een deel is betaald, zodat [appellante] ter zake maximaal (i.e. behoudens eerder genoemd tegenbewijs) van de boedel te vorderen heeft € 15.649,86. Inmiddels staat de verschuldigdheid van € 1.081,50 vast.
Het hof heeft de curator toegelaten zijn betwisting van de verschuldigdheid van € 14.568,36 door de boedel (bij wege van tegenbewijs tegen de hoogte van [appellante] vorderingen) aan te passen aan de eerdere oordelen van het hof. De curator heeft tegenbewijs aangeboden door het horen van voormalige medewerkers van de praktijk.




15.2.

Het hof heeft dit tegenbewijsaanbod gehonoreerd. Daarbij heeft het hof de suggestie gedaan om, - mede gezien de grote hoeveelheid stukken die al zijn overgelegd - de tegenbewijslevering in ieder geval eerst schriftelijk te laten plaats vinden, doordat de door de curator voor te brengen getuigen, die blijkens zijn aanbod alle geverseerd zijn in de tandheelkunde, hun bevindingen in heldere en chronologische overzichten op schrift stellen.
Het hof heeft de zaak naar de rol verwezen voor akte aan de zijde van de curator, waarin hij de hierboven bedoelde schriftelijke getuigenverklaringen met betrekking tot de declaraties van [appellante] ten behoeve van haar werkzaamheden ná 18 juni 2013 zou kunnen aanleveren. De curator diende daarbij tevens te melden of hij nog prijs stelt op het vervolgens doen horen van de betreffende getuigen.




15.3.

De curator heeft de suggestie van het hof om de (tegen)bewijslevering (in ieder geval) aan te vangen met schriftelijke verklaringen, kennelijk niet willen opvolgen en hij heeft slechts bewijs aangeboden door middel van het horen van [naam]. Gelet op artikel 166 Rv zal het hof de curator tot dit bewijs toelaten.
Het hof zal de zaak daarom naar de rol verwijzen voor opgave verhinderdata en iedere verdere beslissing aanhouden.






16De uitspraak


Het hof:



laat de curator toe tegenbewijs te leveren tegen de voorshands bewezen geachte hoogte van de boedelvorderingen van [appellante] , als hierboven in rov 15.1 vermeld;



bepaalt, nu de curator bewijs door getuigen wil leveren, dat getuigen zullen worden gehoord ten overstaan van mr. H.A.G. Fikkers als raadsheer-commissaris, die daartoe zitting zal houden in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan 8 te 's-Hertogenbosch op een door deze te bepalen datum;



verwijst de zaak naar de rol van 15 september 2020 voor opgave van het aantal getuigen en van de verhinderdata van partijen zelf, hun advocaten en de getuige(n) in de periode van 4 tot 12 weken na de datum van dit arrest;



bepaalt dat de raadsheer-commissaris na genoemde roldatum dag en uur van het getuigenverhoor zal vaststellen;



bepaalt dat de advocaat van de curator tenminste zeven dagen voor het verhoor de namen en woonplaatsen van de te horen getuigen zal opgeven aan de wederpartij en aan de civiele griffie;



houdt iedere verdere beslissing aan.




Dit arrest is gewezen door mrs. H.A.G. Fikkers, W.J.J. Beurskens en L.S. Frakes en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 1 september 2020.




griffier rolraadsheer