Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

ECLI:NL:GHSHE:2018:216

2018-01-23 Civiel recht 200.198.332_01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Uitspraakdatum
2018-01-23
Publicatiedatum
2018-01-23
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
200.198.332_01
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | PS-Updates.nl 2018-0372

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Mishandeling door voormalige partner

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.249 tekens)
GERECHTSHOF ̓s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht

zaaknummer 200.198.332/01



arrest van 23 januari 2018



in de zaak van




[appellante] ,

wonende te [woonplaats] ,
appellante,
advocaat: mr. H. Weinans te Roosendaal,


tegen:




[geïntimeerde] ,

wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde,
advocaat: mr. A.J.M.J. Werners te Zeist,


als vervolg op het tussenarrest van dit hof van 17 oktober 2017 in het hoger beroep van het door de kantonrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Bergen op Zoom, onder zaaknummer/rolnummer 3872016 CV EXPL 15-793 tussen partijen gewezen vonnis van 17 februari 2016.



6Het verdere verloop van het geding


Bij tussenarrest van 17 oktober 2017 heeft het hof [geïntimeerde] in de gelegenheid gesteld bij akte het arrest van het hof in de strafzaak tegen hem over te leggen en daarbij uitsluitsel te geven over de uitkomst van het cassatieberoep. Het hof heeft de zaak hiertoe naar de rol verwezen. Op de vastgestelde roldatum heeft [geïntimeerde] geen akte genomen. Uit de roladministratie blijkt dat hij op die datum uitstel heeft gevraagd voor het nemen van de akte maar dat hem dit op grond van het procesreglement niet is verleend. [appellante] vervolgens evenmin een akte genomen. Het hof heeft daarop uitspraak bepaald op heden.





7De verdere beoordeling


7.1
Het hof heeft in het tussenarrest van 17 oktober 2017 overwogen dat en waarom het voor de onderhavige procedure van belang is dat nadere informatie wordt ingebracht over het verdere verloop van de strafzaak (r.o. 4.5). Het gaat hierbij om het arrest van de meervoudige kamer van strafzaken van dit hof van 20 januari 2016 (parketnummer 20-002091-15) en het daartegen door [geïntimeerde] ingestelde cassatieberoep. [geïntimeerde] heeft dit arrest niet overgelegd en de gevraagde informatie niet verstrekt. [geïntimeerde] heeft evenmin toegelicht waarom hij dat niet doet.




7.2
Onder verwijzing naar het bepaalde in artikel 22 Rv zal het hof [geïntimeerde] bevelen bij akte het arrest van het hof in de strafzaak tegen hem over te leggen en daarbij uitsluitsel te geven over de uitkomst van het cassatieberoep. [appellante] zal hierop bij antwoordakte kunnen reageren. Voor enig ander doel is deze aktewisseling niet bestemd.



7.3
Het hof zal iedere verdere beslissing aanhouden.





8De uitspraak


Het hof:



beveelt dat [geïntimeerde] bij akte het arrest in de strafzaak tegen hem overlegt en uitsluitsel geeft over de uitkomst van het cassatieberoep;



verwijst de zaak daartoe naar de rol van dinsdag 20 februari 2018 (akte aan de zijde van geïntimeerde, daarna antwoordakte appellante);



houdt iedere verdere beslissing aan.



Dit arrest is gewezen door mrs. B.A. Meulenbroek, O.G.H. Milar en M.G.W.M. Stienissen en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 23 januari 2018.



griffier rolraadsheer