Gerechtshof 's-Hertogenbosch
ECLI:NL:GHSHE:2014:1087
2014-04-08
Civiel recht
HD 200.080.072_01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- Herstel ECLI:NL:GHSHE:2014:1087 → ECLI:NL:GHSHE:2014:2308
- hogerBeroep ECLI:NL:GHSHE:2014:1087 → ECLI:NL:RBSHE:2010:5070
- Inachtnemingherstelarrest ECLI:NL:GHSHE:2014:1087 → ECLI:NL:GHSHE:2014:166
- tussenuitspraak ECLI:NL:GHSHE:2014:1087 → ECLI:NL:GHSHE:2013:2862
- tussenuitspraak ECLI:NL:GHSHE:2014:1087 → ECLI:NL:GHSHE:2012:5663
- tussenuitspraak ECLI:NL:GHSHE:2014:1087 → ECLI:NL:GHSHE:2012:1168
Inhoudsindicatie
verdeling nalatenschap; waardering onroerende zaak.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.309 tekens)
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Afdeling civiel recht
zaaknummer HD 200.080.072/01
arrest van 8 april 2014 strekkende tot VERBETERING in de zin van artikel 31 Rv van het arrest, gewezen op 28 januari 2014
in de procedure in hoger beroep die bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch aanhangig is geweest tussen
[appellant] ,
wonende te [woonplaats] ,
appellant in principaal hoger beroep,
geïntimeerde in incidenteel hoger beroep,
advocaat: mr. F. van Amstel te 's-Hertogenbosch,
tegen
[geïntimeerde] ,
wonende te [woonplaats] (België),
geïntimeerde in principaal hoger beroep,
appellante in incidenteel hoger beroep,
advocaat: mr. L.A. van Els-van den Berg te ’s-Hertogenbosch.
Bij brief van 5 februari 2014 heeft de griffier van het hof aan partijen bericht dat het hof ambtshalve heeft geconstateerd dat in het arrest van 28 januari 2014 een kennelijke fout voorkomt als bedoeld in artikel 31 Rv. Het betreft de vermelding “ [plaats 1] ” in plaats van “ [plaats 2] ” in het dictum (twee maal) en in rechtsoverweging 14.4.
Het hof heeft partijen in de gelegenheid gesteld hun mening hierover aan het hof kenbaar te maken. Mr. Van Amstel heeft bij brief van 7 februari 2014 namens zijn cliënt laten weten geen bewaar te hebben tegen herstel. De wederpartij heeft geen gebruik gemaakt van de geboden gelegenheid binnen de gestelde termijn van veertien dagen te reageren.
Het hof is van oordeel dat sprake is van een kennelijke fout die op de hierna te bepalen wijze dient te worden hersteld.
Het hof:
bepaalt dat de vermelding “ [plaats 1] ” in het dictum (twee maal) en in rechtsoverweging 14.4. wordt gewijzigd in “ [plaats 2] ” ;
bepaalt dat deze verbetering onder vermelding van de datum 8 april 2014 wordt vermeld op de minuut van het arrest van 28 januari 2014.
Dit arrest is gewezen door mrs. N.J.M. van Etten, B.A. Meulenbroek en W.H.B. den Hartog Jager en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 8 april 2014.
Afdeling civiel recht
zaaknummer HD 200.080.072/01
arrest van 8 april 2014 strekkende tot VERBETERING in de zin van artikel 31 Rv van het arrest, gewezen op 28 januari 2014
in de procedure in hoger beroep die bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch aanhangig is geweest tussen
[appellant] ,
wonende te [woonplaats] ,
appellant in principaal hoger beroep,
geïntimeerde in incidenteel hoger beroep,
advocaat: mr. F. van Amstel te 's-Hertogenbosch,
tegen
[geïntimeerde] ,
wonende te [woonplaats] (België),
geïntimeerde in principaal hoger beroep,
appellante in incidenteel hoger beroep,
advocaat: mr. L.A. van Els-van den Berg te ’s-Hertogenbosch.
Bij brief van 5 februari 2014 heeft de griffier van het hof aan partijen bericht dat het hof ambtshalve heeft geconstateerd dat in het arrest van 28 januari 2014 een kennelijke fout voorkomt als bedoeld in artikel 31 Rv. Het betreft de vermelding “ [plaats 1] ” in plaats van “ [plaats 2] ” in het dictum (twee maal) en in rechtsoverweging 14.4.
Het hof heeft partijen in de gelegenheid gesteld hun mening hierover aan het hof kenbaar te maken. Mr. Van Amstel heeft bij brief van 7 februari 2014 namens zijn cliënt laten weten geen bewaar te hebben tegen herstel. De wederpartij heeft geen gebruik gemaakt van de geboden gelegenheid binnen de gestelde termijn van veertien dagen te reageren.
Het hof is van oordeel dat sprake is van een kennelijke fout die op de hierna te bepalen wijze dient te worden hersteld.
Het hof:
bepaalt dat de vermelding “ [plaats 1] ” in het dictum (twee maal) en in rechtsoverweging 14.4. wordt gewijzigd in “ [plaats 2] ” ;
bepaalt dat deze verbetering onder vermelding van de datum 8 april 2014 wordt vermeld op de minuut van het arrest van 28 januari 2014.
Dit arrest is gewezen door mrs. N.J.M. van Etten, B.A. Meulenbroek en W.H.B. den Hartog Jager en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 8 april 2014.