Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof Leeuwarden

ECLI:NL:GHLEE:2001:ZJ0154

2001-05-23 Bestuursrecht WAHV 01/00158
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Uitspraakdatum
2001-05-23
Publicatiedatum
2013-04-08
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
WAHV 01/00158
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

-

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.277 tekens)
WAHV 01/00158
23 mei 2001
CJIB 31317099



Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter te Dordrecht
van 1 november 2000
betreffende
[naam] (hierna te noemen: betrokkene),
wonende te [plaatsnaam].




1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Dordrecht niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.


2. Het procesverloop


Bij brief van 12 maart 2001, ingekomen bij het arrondissementsparket te Dordrecht op 13 maart 2001, heeft de betrokkene gereageerd op een betalingsoverzicht na beroep op de kantonrechter van het CJIB, welk overzicht de betrokkene – naar zijn eigen zeggen – op 1 februari 2001 heeft ontvangen. Deze brief is doorgezonden aan de griffier van het kantongerecht, die de brief kennelijk heeft aangemerkt als een beroepschrift, gericht tegen de beslissing van de kantonrechter van 1 november 2000. Vervolgens is de brief doorgezonden naar de griffie van het hof.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De betrokkene is in de gelegenheid gesteld het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt.


3. Beoordeling

3.1 Voor zover de betrokkene beoogd heeft met voornoemd schrijven van 12 maart 2001 hoger beroep in te stellen, overweegt het hof het volgende.

3.2 Ingevolge het in art. 14, eerste lid, WAHV in verbinding met het in de art. 6:24, 6:7 en 6:8 Awb bepaalde dient het hoger beroep te worden ingesteld door het indienen van een beroepschrift binnen een termijn van zes weken, welke termijn aanvangt op de dag na die waarop een afschrift van de bestreden beslissing aan de betrokkene is toegezonden.

3.3 Het beroepschrift is gedateerd 12 maart 2001 en het is blijkens een daarop gesteld stempel op 13 maart 2001 bij het arrondissementsparket binnengekomen. Aangezien de bestreden beslissing op 23 november 2000 aan de betrokkene is toegezonden, is het beroepschrift niet tijdig ingediend, zodat de betrokkene in het hoger beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard.

3.4 Voor zover de betrokkene met zijn schrijven van 12 maart 2001 heeft beoogd bezwaar te maken bij de officier van justitie tegen de in het betalingsoverzicht na beroep op de kantonrechter opgenomen betalingsverplichting, zal het hof meergenoemd schrijven doorzenden aan de officier van justitie bij het arrondissementsparket te Dordrecht, onder gelijktijdige mededeling hiervan aan de betrokkene.


4. De beslissing

Het gerechtshof:

verklaart de betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep;

zendt het schrijven van de betrokkene d.d. 12 maart 2001 ter verdere behandeling door aan de officier van justitie bij het arrondissementsparket te Dordrecht onder gelijktijdige mededeling hiervan aan de betrokkene.

Dit arrest is gewezen door mr Kalsbeek, in tegenwoordigheid van de heer Jongeling als griffier en uitgesproken ter openbare zitting.