Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof Den Haag

ECLI:NL:GHDHA:2023:2718

2023-12-19 Civiel recht; Personen- en familierecht 200.334.361/01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Uitspraakdatum
2023-12-19
Publicatiedatum
2024-02-06
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
200.334.361/01
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Internationale kinderontvoering. Aanhechten spiegelovereenkomst. Bevoegdheid op grond van artikel 10 Brussel II-ter.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (4.658 tekens)
GERECHTSHOF DEN HAAG
Team Familie


zaaknummer : 200.334.361/01
rekestnummer rechtbank : FA RK 23-6316
zaaknummer rechtbank : C/09/653063




beschikking van de meervoudige kamer van 19 december 2023




inzake




[appellante] ,
wonende te [woonplaats] ,
verzoekster in hoger beroep,
hierna te noemen: de moeder,
advocaat mr. L. Stam te ‘s-Hertogenbosch



tegen




[geïntimeerde] ,
wonende te [woonplaats] , Brazilië,
verweerder in hoger beroep,
hierna te noemen: de vader,
advocaat mr. J.H. Weermeijer-Patist te Leiden.



In zijn adviserende en/of toetsende taak is in de procedure gekend:
de raad voor de kinderbescherming, regio Haaglanden,
hierna te noemen: de raad.





1Het verdere verloop van het geding


1.1
Het hof verwijst voor het verloop van het geding naar zijn tussenbeschikking van 4 december 2023, waarvan de inhoud als hier herhaald en ingelast dient te worden beschouwd.



1.2
Bij die tussenbeschikking heeft het hof – voor zover in deze beschikking van belang – de teruggeleiding gelast van de minderjarige [minderjarige] (hierna: [minderjarige] ), geboren op [geboortedatum] 2021 in [geboorteplaats] , Brazilië, naar Brazilië uiterlijk op 18 december 2023. Verder heeft het hof de beslissing op het verzoek van partijen tot aanhechting van de spiegelovereenkomst aangehouden tot 19 december 2023.



1.3
In rechtsoverweging 5.30 heeft het hof het volgende overwogen ten aanzien van de spiegelovereenkomst:



‘5.30 Tijdens de zitting in hoger beroep is gebleken dat beide partijen het hof verzoeken de door partijen gesloten spiegelovereenkomst te hechten aan de beschikking van het hof, nu de rechtbank heeft verzuimd hierover een beslissing te nemen. Het hof zal dit verzuim in hoger beroep herstellen. Nu het hof geen kennis mag nemen van de inhoud van de spiegelovereenkomst totdat het heeft beslist op het teruggeleidingsverzoek, zal het hof zijn beslissing ten aanzien van de spiegelovereenkomst aanhouden tot 19 december 2023.’





1.4
In deze beschikking is dus alleen nog aan de orde het verzoek van de ouders tot opname van de spiegelovereenkomst in de beschikking.



1.5
Bij journaalbericht van 23 november 2023 is van de zijde van de moeder bij het hof in gesloten envelop ingekomen de door beide ouders op 21 september 2023 ondertekende spiegelovereenkomst.



1.6
Op grond van artikel 10 van EU-Verordening Brussel II-ter (Nr. 2019/1111) acht het hof zich internationaal bevoegd ter zake van het verzoek tot het opnemen van de spiegelovereenkomst in deze beschikking, nu aan de voorwaarden voor een forumkeuzebevoegdheid is voldaan. De in artikel 10 lid 1 sub a vereiste nauwe band van het kind met Nederland is aanwezig, omdat de teruggeleidingsprocedure bij de Nederlandse rechter is gevoerd en het onderhavige verzoek in het verlengde daarvan ligt. De partijen hebben ter zitting van het hof de internationale bevoegdheid van het hof ter zake van het onderhavige verzoek uitdrukkelijk aanvaard (artikel 10 lid 1 sub b). Ten slotte wordt de uitoefening van bevoegdheid naar het oordeel van het hof gerechtvaardigd door het belang van het kind (artikel 10 lid 1 sub c).



1.7
Het hof acht de door partijen in de spiegelovereenkomst gemaakte afspraken in het belang van [minderjarige] . Het hof zal deze afspraken dan ook opnemen in de beschikking, door aanhechting van de spiegelovereenkomst aan deze beschikking.



1.8
Dit leidt tot de volgende beslissing.





2De beslissing


Het hof:



neemt op de door de vader en de moeder getroffen onderlinge regeling ter zake de ouderlijke verantwoordelijkheid aangaande [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2021 in [geboorteplaats] , Brazilië, zoals neergelegd in de (in fotokopie) aan deze beschikking gehechte op 21 september 2023 ondertekende spiegelovereenkomst;



verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.




Deze beschikking is gegeven door mrs. C.M. Warnaar, F. Ibili en P.M.A.J. Bollen, bijgestaan door mr. I.E. van der Leij als griffier, en is op 19 december 2023 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.