Gerechtshof Den Haag
ECLI:NL:GHDHA:2020:2265
2020-12-02
Strafrecht
22-003199-19
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2026:953 → ECLI:NL:GHDHA:2020:2265
Inhoudsindicatie
De verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Gepubliceerd naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.770 tekens)
Rolnummer: 22-003199-19
Parketnummer: 16-230875-18
Datum uitspraak: 18 november 2020
VERSTEK
Gerechtshof Den Haag
meervoudige kamer voor strafzaken
Arrest
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 5 december 2018 in de strafzaak tegen de verdachte:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] (Syrië) op [geboortedatum] 1987,
adres: [adres] [woonplaats] .
Procesgang
In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van tien weken, met aftrek van voorarrest. Voorts heeft de politierechter op de terechtzitting van 5 december 2018 de gevangenhouding bevolen.
Verwijzing van de zaak naar het gerechtshof Den Haag
De zaak is onder rolnummer 21-007029-18 aanhangig gemaakt bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, en vervolgens - op grond van artikel 62a, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie (RO) in verband met de “Regeling tijdelijke aanwijzing gerechtshof Den Haag voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2019” (Stcrt. 2019, nr. 2561595) - verwezen naar het gerechtshof Den Haag, dat ingevolge genoemde Regeling is aangewezen als ander gerechtshof als bedoeld in artikel 62a, eerste lid, RO.
Ontvankelijkheid van het hoger beroep
Uit de stukken blijkt niet dat hoger beroep is ingesteld tegen het eindvonnis van de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 5 december 2018. De appelakte van 19 december 2018 van de Rechtbank Midden-Nederland vermeldt immers – voorzover van belang- : “ [de advocaat] verklaarde namens [verdachte] hoger beroep in te stellen tegen de beschikking m.b.t. de vordering tot gevangenhouding, door de politierechter in deze rechtbank op 5 december 2018 gegeven.”
Derhalve zal het hof de verdachte niet-ontvankelijk verklaren in het hoger beroep.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door mr. M.J. de Haan-Boerdijk, mr. O.E.M. Leinarts en mr. A.M. Hol, in bijzijn van de griffier mr. L.E.M. Marsman.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 18 november 2020.
Mr. A.M. Hol is buiten staat dit arrest te ondertekenen.
Mr. L.E.M. Marsman is buiten staat dit arrest te ondertekenen.
Parketnummer: 16-230875-18
Datum uitspraak: 18 november 2020
VERSTEK
Gerechtshof Den Haag
meervoudige kamer voor strafzaken
Arrest
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 5 december 2018 in de strafzaak tegen de verdachte:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] (Syrië) op [geboortedatum] 1987,
adres: [adres] [woonplaats] .
Procesgang
In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van tien weken, met aftrek van voorarrest. Voorts heeft de politierechter op de terechtzitting van 5 december 2018 de gevangenhouding bevolen.
Verwijzing van de zaak naar het gerechtshof Den Haag
De zaak is onder rolnummer 21-007029-18 aanhangig gemaakt bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, en vervolgens - op grond van artikel 62a, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie (RO) in verband met de “Regeling tijdelijke aanwijzing gerechtshof Den Haag voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2019” (Stcrt. 2019, nr. 2561595) - verwezen naar het gerechtshof Den Haag, dat ingevolge genoemde Regeling is aangewezen als ander gerechtshof als bedoeld in artikel 62a, eerste lid, RO.
Ontvankelijkheid van het hoger beroep
Uit de stukken blijkt niet dat hoger beroep is ingesteld tegen het eindvonnis van de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 5 december 2018. De appelakte van 19 december 2018 van de Rechtbank Midden-Nederland vermeldt immers – voorzover van belang- : “ [de advocaat] verklaarde namens [verdachte] hoger beroep in te stellen tegen de beschikking m.b.t. de vordering tot gevangenhouding, door de politierechter in deze rechtbank op 5 december 2018 gegeven.”
Derhalve zal het hof de verdachte niet-ontvankelijk verklaren in het hoger beroep.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door mr. M.J. de Haan-Boerdijk, mr. O.E.M. Leinarts en mr. A.M. Hol, in bijzijn van de griffier mr. L.E.M. Marsman.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 18 november 2020.
Mr. A.M. Hol is buiten staat dit arrest te ondertekenen.
Mr. L.E.M. Marsman is buiten staat dit arrest te ondertekenen.