Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

ECLI:NL:GHARL:2023:4804

2023-06-06 Bestuursrecht; Belastingrecht 22/01725
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Uitspraakdatum
2023-06-06
Publicatiedatum
2023-06-07
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
22/01725
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | V-N Vandaag 2023/1356 | NLF 2023/1383 | V-N 2023/47.24.8 | Viditax (FutD) 2023061609 | FutD 2023-1560

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

IB/PVV. Compromis ter zitting.

Citeert (1)

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (6.952 tekens)
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
locatie Leeuwarden
nummer BK-ARN 22/01725
uitspraakdatum: 6 juni 2023




Uitspraak van de eerste meervoudige belastingkamer




op het hoger beroep van





[belanghebbende]
te [woonplaats] (hierna: belanghebbende)



tegen de uitspraak van rechtbank Noord-Nederland van 9 juni 2022, nummer LEE 21/3339, ECLI:NL:RBNNE:2022:1988, in het geding tussen



de inspecteur van de Belastingdienst/Kantoor Groningen (hierna: de Inspecteur)



en de Inspecteur






1Ontstaan en loop van het geding


1.1
Aan belanghebbende is op 13 oktober 2020 een aanslag opgelegd in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (hierna: IB/PVV) voor het jaar 2017, berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 76.473 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 1.946. Bij beschikking is belastingrente berekend.


1.2
De Inspecteur heeft bij in één geschrift vervatte uitspraken op bezwaar het tegen de aanslag ingediende bezwaar gegrond verklaard. De aanslag is verminderd tot een aanslag naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 70.115 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 1.946. De belastingrente is dienovereenkomstig verminderd.


1.3
Belanghebbende heeft tegen die uitspraken beroep ingesteld bij de rechtbank Noord-Nederland (hierna: de Rechtbank). De Rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard.


1.4
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld.


1.5
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 23 mei 2023. Daarbij zijn verschenen en gehoord belanghebbende, bijgestaan door [naam1] en [naam2] , alsmede [naam3] namens de Inspecteur, bijgestaan door [naam4] .





2Geschil


In geschil is of belanghebbende in 2017 voldoet aan het urencriterium van artikel 3.6, eerste lid, van de Wet IB 2001 en daarmee recht heeft op de zelfstandigen- en startersaftrek.






3Gronden


3.1
Partijen zijn ter zitting tot overeenstemming gekomen over het onderhavige hoger beroep. Het compromis houdt het volgende in:



belanghebbende voldoet voor het jaar 2017 aan het urencriterium en heeft daarom recht op de zelfstandigen- en startersaftrek,


de uitspraak van de Rechtbank en de uitspraken op bezwaar van de Inspecteur moeten worden vernietigd,


de aanslag moet worden verminderd tot een aanslag berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 62.028 en naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 1.946,


het verzamelinkomen moet worden verminderd tot € 63.974,


de belastingrente moet dienovereenkomstig verminderd worden,


belanghebbende trekt haar bezwaar tegen de aanslag in de IB/PVV voor het jaar 2018, waarin het voldoen aan het urencriterium ook in geschil is, in,


de Inspecteur vergoedt aan belanghebbende het in beroep betaalde griffierecht van € 49 en het in hoger beroep betaalde griffierecht van € 136,


ten slotte zijn partijen overeengekomen dat iedere partij zijn of haar eigen proceskosten van het (hoger) beroep draagt.





3.2

Het Hof zal overeenkomstig dit compromis beslissen.

Slotsom

Op grond van het vorenstaande is het hoger beroep van belanghebbende gegrond.







4Beslissing


Het Hof:



verklaart het beroep gegrond,


vernietigt de uitspraak van de Rechtbank,


vernietigt de uitspraken op bezwaar,


vermindert de aanslag tot een aanslag berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 62.028 en naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 1.946,


vermindert het verzamelinkomen tot € 63.974,


vermindert de belastingrente dienovereenkomstig, en


gelast dat de Inspecteur aan belanghebbende het betaalde griffierecht vergoedt, te weten € 49 in verband met het beroep bij de Rechtbank en € 136 in verband met het hoger beroep bij het Hof





Deze uitspraak is gedaan door mr. J.W. Keuning, voorzitter, mr. G.B.A. Brummer en mr. T.H.J. Verhagen, in tegenwoordigheid van mr. K. de Jong-Braaksma als griffier.



De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 6 juni 2023





De griffier, De voorzitter,







(K. de Jong-Braaksma) (J.W. Keuning)



Een afschrift van deze uitspraak is in Mijn Rechtspraak geplaatst. Indien u niet digitaal procedeert, is een afschrift aangetekend per post verzonden op 7 juni 2023






Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen zes weken na de verzenddatum beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.
Bepaalde personen die niet worden vertegenwoordigd door een gemachtigde die beroepsmatig rechtsbijstand verleent, mogen per post beroep in cassatie instellen. Dit zijn natuurlijke personen en verenigingen waarvan de statuten niet zijn opgenomen in een notariële akte. Als zij geen gebruik willen maken van digitaal procederen kunnen deze personen het beroepschrift in cassatie sturen aan de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag. Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie www.hogeraad.nl).
Bij het instellen van beroep in cassatie moet het volgende in acht worden genomen:

1. bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak gevoegd;
2 - ( alleen bij procederen op papier) het beroepschrift moet ondertekend zijn;
3 - het beroepschrift moet ten minste het volgende vermelden:

a. de naam en het adres van de indiener;
b. de dagtekening;
c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;
d. de gronden van het beroep in cassatie.
Voor het instellen van beroep in cassatie is griffierecht verschuldigd. Na het instellen van beroep in cassatie ontvangt de indiener een nota griffierecht van de griffier van de Hoge Raad. In het cassatieberoepschrift kan de Hoge Raad verzocht worden om de wederpartij te veroordelen in de proceskosten.