Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

ECLI:NL:GHARL:2021:6968

2021-07-20 Civiel recht 200.288.279/02
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Uitspraakdatum
2021-07-20
Publicatiedatum
2021-07-20
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Hoger beroep kort geding
Zaaknummer
200.288.279/02
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Voorlopige voorziening, conform 223 Rv. Artikel 209 Rv. Vordering in incident te verweven met de vordering in de hoofdzaak.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (5.243 tekens)
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN


locatie Arnhem



afdeling civiel recht, handel



zaaknummer gerechtshof 200.288.279/02
(zaaknummer rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, 509618)




arrest in het incident en in de hoofdzaak in kort geding van 20 juli 2021




in de zaak van



de vennootschap onder firma

The Squad V.O.F.,

gevestigd te Zaandam,
appellante,
in eerste aanleg: eiseres,
eiseres in het incident,
hierna: ‘The Squad’,
advocaat: mr. S.T. Blom,



tegen:



de coöperatie

Coöperatieve Rabobank U.A.,

statutair gevestigd te Amsterdam en kantoorhoudend te Utrecht,
geïntimeerde,
in eerste aanleg: gedaagde,
verweerster in het incident,
hierna: ‘de Rabobank’,
advocaat: mr. R.M. Vermaire.





1De procedure bij de rechtbank


Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van het vonnis in kort geding van 30 oktober 2020 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht.





2De procedure in hoger beroep


2.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:


de dagvaarding in hoger beroep d.d. 27 november 2020;


het ambtshalve royement van de zaak op de rol van 6 april 2021;





2.2.
Vervolgens heeft The Squad de zaak op de rol van 4 mei 2021 opnieuw aangebracht.





2.3.
Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:


de memorie van grieven, tevens houdende een provisionele vordering ex artikel 223 Rv (met producties);


de antwoordmemorie in het incident (met producties);


de memorie van antwoord in de hoofdzaak.





2.4.
Vervolgens heeft The Squad de stukken voor het wijzen van arrest in het incident aan het hof overgelegd en heeft het hof arrest in het incident bepaald.





3De motivering van de beslissing


3.1
The Squad heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de voorzieningenrechter en een provisionele vordering ex artikel 223 Rv ingesteld. Het hof ziet geen aanleiding om conform het uitgangspunt van artikel 209 Rv eerst en vooraf aan de hoofdzaak op dit incident te beslissen, nu deze vordering te zeer verweven is met de (deels overeenkomende vorderingen in de) hoofdzaak. Het hof zal de behandeling van het incident aanhouden tot de behandeling in de hoofdzaak. Op de vraag of The Squad ontvankelijk is in haar provisionele vordering, gaat het hof nu niet in.



3.2
Het hof ziet aanleiding om in het incident en in de hoofdzaak in kort geding een gelijktijdige meervoudige mondelinge behandeling te gelasten. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.





4De beslissing


Het hof, recht doende in het incident en in de hoofdzaak in kort geding in hoger beroep:



bepaalt een mondelinge behandeling in zowel het incident als de hoofdzaak, waarbij partijen (in persoon of vertegenwoordigd door iemand die van de zaak op de hoogte is en die tot het geven van inlichtingen in staat is en bevoegd is om een schikking aan te gaan) samen met hun advocaten zullen verschijnen voor de meervoudige kamer van het hof;



bepaalt dat de zitting zal plaatsvinden op 22 december 2021 om 13:30 uur in het paleis van justitie aan de Walburgstraat 2-4 te Arnhem;



bepaalt dat, als partijen verhinderd zijn op de hiervoor genoemde datum, zij binnen twee weken na de datum van dit arrest door middel van een H7-formulier een andere dag voor de zitting kunnen verzoeken; bij het verzoek moet een opgave van de verhinderdata van alle betrokkenen voor de periode van augustus 2021 t/m januari 2022 worden gevoegd; als deze opgave ontbreekt, blijft de eerdere dagbepaling van kracht;



bepaalt dat de advocaten bij de mondelinge behandeling ieder gedurende maximaal tien minuten, aan de hand van maximaal twee A4’tjes spreekaantekeningen, het standpunt van partijen mogen toelichten;



bepaalt dat The Squad uiterlijk acht weken voor de te houden mondelinge behandeling het volledige procesdossier in tweevoud aan het hof dient te sturen;





bepaalt dat als een partij bij de mondelinge behandeling nog processtukken of andere stukken wil inbrengen, deze partij ervoor dient te zorgen dat het hof en de wederpartij uiterlijk 10 dagen voor de mondelinge behandeling een kopie van deze stukken hebben ontvangen (het hof in tweevoud, de wederpartij in enkelvoud);



houdt iedere verdere beslissing aan.



Dit arrest is gewezen door mrs. Th.C.M. Willemse, S.B. Boorsma en C.M.E. Lagarde en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 20 juli 2021.