Gerechtshof Amsterdam
ECLI:NL:GHAMS:2026:1746
2026-06-11
Civiel recht; Ondernemingsrecht
200.324.502/01 OK
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Ondernemingskamer; enquêterecht; geen verzoek als bedoeld in artikel 2:355 lid 1 BW ingediend binnen de in de tweede lid van dat artikel genoemde termijn van twee maanden na nederlegging van het onderzoeksverslag ter griffie; einde gekomen aan onderhavige enquêteprocedure; onmiddellijke voorzieningen van rechtswege geëindigd.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (3.776 tekens)
beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.324.502/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 11 juni 2026
inzake
de besloten vennootschap naar het recht van de Verenigde Arabische Emiraten
ADS SECURITIES LLC,
statutair gevestigd te Abu Dhabi, Verenigde Arabische Emiraten,
VERZOEKSTER,
advocaten: mr. V.R. Vroom en mr. B. Kemp, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
de naamloze vennootschap
SEQUA PETROLEUM N.V.,
statutair gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER,
advocaten: mr. W.M. Smelt, mr. S.V. Stephenson en mr. J. van Hemel, allen kantoorhoudende te Amsterdam,
en tegen
[A]
,
wonende te […] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. R.M. Leeuwenburgh, kantoorhoudende te Rotterdam.
Hierna zullen partijen en andere (rechts)personen (ook) als volgt worden aangeduid:
verzoekster als ADS;
verweerster als Sequa.
1Het verloop van het geding
1.1.
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 13 jul 2023, 20 juli 2023, 2 mei 2024 en 24 maart 2026 in deze zaak.
1.2.
Bij de beschikking van 13 juli 2023 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Sequa en een nader aan te wijzen persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten. Daarnaast heeft zij bij die beschikking, bij wijze van onmiddellijke voorziening met onmiddellijke ingang en voor de duur van de procedure een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd tot commissaris van Sequa met beslissende stem.
1.3.
Bij de beschikking van 20 juli 2023 heeft de Ondernemingskamer mr. R.J.W. Analbers (hierna: de onderzoeker) benoemd om het onderzoek te verrichten en drs. J.M. Leopold benoemd tot commissaris van Sequa.
1.4.
Op 5 maart 2026 heeft de onderzoeker het verslag met bijlagen aan de Ondernemingskamer gestuurd. De griffier heeft het verslag met bijlagen op 24 maart 2026 ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegd.
2Gronden van de beslissing
2.1.
De Ondernemingskamer stelt vast dat er in deze zaak geen verzoek als bedoeld in artikel 2:355 lid 1 BW is ingediend binnen de in het tweede lid van dit artikel genoemde termijn van twee maanden na nederlegging van het onderzoeksverslag ter griffie. Daarmee is aan de onderhavige enquêteprocedure per 25 mei 2026 een einde gekomen en is op die datum ook in deze procedure getroffen onmiddellijke voorziening geëindigd.
3De beslissing
De Ondernemingskamer:
stelt vast dat de enquêteprocedure met zaaknummer 200.324.502/01 OK en de getroffen onmiddellijke voorziening op 25 mei 2026 van rechtswege zijn geëindigd.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.C. Meijer, voorzitter, mr. A.W.H. Vink en mr. M.A.M. Vaessen, raadsheren, en prof. dr. mr. A.J.C.C.M. Loonen en drs. V.G. Moolenaar, raden, in tegenwoordigheid van mr. G.M.C. van Breukelen, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. A.W.H. Vink op 11 juni 2026.
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.324.502/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 11 juni 2026
inzake
de besloten vennootschap naar het recht van de Verenigde Arabische Emiraten
ADS SECURITIES LLC,
statutair gevestigd te Abu Dhabi, Verenigde Arabische Emiraten,
VERZOEKSTER,
advocaten: mr. V.R. Vroom en mr. B. Kemp, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
de naamloze vennootschap
SEQUA PETROLEUM N.V.,
statutair gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER,
advocaten: mr. W.M. Smelt, mr. S.V. Stephenson en mr. J. van Hemel, allen kantoorhoudende te Amsterdam,
en tegen
[A]
,
wonende te […] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. R.M. Leeuwenburgh, kantoorhoudende te Rotterdam.
Hierna zullen partijen en andere (rechts)personen (ook) als volgt worden aangeduid:
verzoekster als ADS;
verweerster als Sequa.
1Het verloop van het geding
1.1.
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 13 jul 2023, 20 juli 2023, 2 mei 2024 en 24 maart 2026 in deze zaak.
1.2.
Bij de beschikking van 13 juli 2023 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Sequa en een nader aan te wijzen persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten. Daarnaast heeft zij bij die beschikking, bij wijze van onmiddellijke voorziening met onmiddellijke ingang en voor de duur van de procedure een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd tot commissaris van Sequa met beslissende stem.
1.3.
Bij de beschikking van 20 juli 2023 heeft de Ondernemingskamer mr. R.J.W. Analbers (hierna: de onderzoeker) benoemd om het onderzoek te verrichten en drs. J.M. Leopold benoemd tot commissaris van Sequa.
1.4.
Op 5 maart 2026 heeft de onderzoeker het verslag met bijlagen aan de Ondernemingskamer gestuurd. De griffier heeft het verslag met bijlagen op 24 maart 2026 ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegd.
2Gronden van de beslissing
2.1.
De Ondernemingskamer stelt vast dat er in deze zaak geen verzoek als bedoeld in artikel 2:355 lid 1 BW is ingediend binnen de in het tweede lid van dit artikel genoemde termijn van twee maanden na nederlegging van het onderzoeksverslag ter griffie. Daarmee is aan de onderhavige enquêteprocedure per 25 mei 2026 een einde gekomen en is op die datum ook in deze procedure getroffen onmiddellijke voorziening geëindigd.
3De beslissing
De Ondernemingskamer:
stelt vast dat de enquêteprocedure met zaaknummer 200.324.502/01 OK en de getroffen onmiddellijke voorziening op 25 mei 2026 van rechtswege zijn geëindigd.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.C. Meijer, voorzitter, mr. A.W.H. Vink en mr. M.A.M. Vaessen, raadsheren, en prof. dr. mr. A.J.C.C.M. Loonen en drs. V.G. Moolenaar, raden, in tegenwoordigheid van mr. G.M.C. van Breukelen, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. A.W.H. Vink op 11 juni 2026.