Gerechtshof Amsterdam
ECLI:NL:GHAMS:2024:332
2024-01-31
Strafrecht
23-002509-23
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.547 tekens)
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002509-23
datum uitspraak: 31 januari 2024
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 8 september 2023 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 13-121673-23 (zaak A), 13-045956-23 (zaak B), 13-053712-22 (zaak C) en 13-252869-22 (TUL) tegen
[verdachte01]
,
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1995,
adres: [adres01] .
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Onderzoek ter terechtzitting
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 31 januari 2024.
De advocaat-generaal heeft gevorderd de verdachte niet-ontvankelijk te verklaren in het ingestelde hoger beroep onder toepassing van artikel 416, tweede lid, Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv).
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep is aangevangen op 31 oktober 2023. Op voornoemde terechtzitting is besloten de voorlopige hechtenis van de verdachte op te heffen met ingang van de expiratiedatum van 4 december 2023, aangezien de aan de verdachte door de rechtbank opgelegde straf op dat moment volledig zou zijn uitgezeten.
De raadsman heeft op de terechtzitting van 31 januari 2024 namens de verdachte naar voren gebracht dat hij op grond van artikel 416, tweede lid, Sv, niet-ontvankelijk wenst te worden verklaard in het hoger beroep omdat hij de door de rechtbank opgelegde gevangenisstraf inmiddels volledig heeft uitgezeten en geen belang meer heeft bij het ingestelde hoger beroep.
Naar aanleiding daarvan en nu het hof ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak en gehoord de advocaat-generaal zal de verdachte, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, Sv, niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.J.A. Duker, mr. N.R.A. Meerbeek en mr. D. Greven, in tegenwoordigheid van mr. E.C. Damo, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 31 januari 2024.
Mrs. M.J.A. Duker en D. Greven zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
parketnummer: 23-002509-23
datum uitspraak: 31 januari 2024
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 8 september 2023 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 13-121673-23 (zaak A), 13-045956-23 (zaak B), 13-053712-22 (zaak C) en 13-252869-22 (TUL) tegen
[verdachte01]
,
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1995,
adres: [adres01] .
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Onderzoek ter terechtzitting
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 31 januari 2024.
De advocaat-generaal heeft gevorderd de verdachte niet-ontvankelijk te verklaren in het ingestelde hoger beroep onder toepassing van artikel 416, tweede lid, Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv).
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep is aangevangen op 31 oktober 2023. Op voornoemde terechtzitting is besloten de voorlopige hechtenis van de verdachte op te heffen met ingang van de expiratiedatum van 4 december 2023, aangezien de aan de verdachte door de rechtbank opgelegde straf op dat moment volledig zou zijn uitgezeten.
De raadsman heeft op de terechtzitting van 31 januari 2024 namens de verdachte naar voren gebracht dat hij op grond van artikel 416, tweede lid, Sv, niet-ontvankelijk wenst te worden verklaard in het hoger beroep omdat hij de door de rechtbank opgelegde gevangenisstraf inmiddels volledig heeft uitgezeten en geen belang meer heeft bij het ingestelde hoger beroep.
Naar aanleiding daarvan en nu het hof ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak en gehoord de advocaat-generaal zal de verdachte, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, Sv, niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.J.A. Duker, mr. N.R.A. Meerbeek en mr. D. Greven, in tegenwoordigheid van mr. E.C. Damo, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 31 januari 2024.
Mrs. M.J.A. Duker en D. Greven zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.