Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof Amsterdam

ECLI:NL:GHAMS:2018:2085

2018-06-22 Civiel recht; Ondernemingsrecht 200.224.904/01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Uitspraakdatum
2018-06-22
Publicatiedatum
2018-06-26
Rechtsgebied
Civiel recht; Ondernemingsrecht
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Zaaknummer
200.224.904/01
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | ARO 2018/151

Inhoudsindicatie

OK. Deponering onderzoeksverslag.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (4.957 tekens)
beschikking
___________________________________________________________________




GERECHTSHOF AMSTERDAM


ONDERNEMINGSKAMER





zaaknummer : 200.224.904/01 OK



beschikking van de Ondernemingskamer van 22 juni 2018



inzake



1. de maatschap



[A]
,
gevestigd te [....] ,

2. 1 tot en met 33 (RECHTS)PERSONEN,


VERZOEKERS,
advocaten: mr. C.P.B. Kroep en mr. S. Erkel, beiden kantoorhoudende te Enschede,




t e g e n




de coöperatie

COÖPERATIEVE AANKOOPVERENIGING “DEN HAM” U.A.,
gevestigd te Den Ham,

VERWEERSTER,
advocaten: mr. A.N. Stoop en mr. C.I. Corsten, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,




e n t e g e n



1. de vennootschap onder firma



[B]
,
gevestigd te [....] ,

2. 1 tot en met 49 (RECHTS)PERSONEN,


BELANGHEBBENDEN,
advocaat: mr. P.F. Schepel, kantoorhoudende te Deventer,




e n t e g e n



3 [C] ,
wonende te [....] ,
4. [D],
wonende te [....] ,
5. [E],
wonende te [....] ,
6. [F],
wonende te [....] ,
7. [G],
wonende te [....] ,
8. [H],
wonende te [....] ,
9. [I],

wonende te [....] ,

BELANGHEBBENDEN,
advocaat: mr. P.J. van der Korst, kantoorhoudende te Amsterdam.







1Het verloop van het geding


1.1
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 28 februari 2018 en 8 maart 2018 en de beschikking van de raadsheer-commissaris van 20 juni 2018 in deze zaak.



1.2
Bij voornoemde beschikkingen heeft de Ondernemingskamer, voor zover hier van belang, een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van CAV Den Ham met betrekking tot de in rechtsoverwegingen 3.8-3.12 van de beschikking van 28 februari 2018 genoemde vergoedingen aan [G] en [C] , drs. E.A. Marseille RA te Amsterdam (hierna ook: de onderzoeker) benoemd om het onderzoek te verrichten en het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 10.000 (exclusief btw). De verzochte voorlopige voorzieningen heeft de Ondernemingskamer afgewezen.



1.3
Op 22 juni 2018 is ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen het door de onderzoeker ondertekende verslag (met bijlagen) van voormeld onderzoek, gedateerd 20 juni 2018. De griffier heeft het verslag met bijlagen heden ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegd.



1.4
Met het oog op de vaststelling van diens vergoeding heeft de onderzoeker een specificatie van de aan het onderzoek bestede uren per e-mail aan partijen gestuurd. Deze specificatie sluit op een bedrag van € 9.925,55 (exclusief btw).






2De gronden van de beslissing


2.1
De Ondernemingskamer heeft kennis genomen van het verslag (met bijlagen) van het onderzoek. Gelet op de inhoud daarvan en op de overigens in deze zaak betrokken belangen, ziet de Ondernemingskamer aanleiding om op de voet van artikel 2:353 lid 2 BW te bepalen dat het verslag met bijlagen ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden.



2.2
Partijen zullen in de gelegenheid worden gesteld zich uit te laten over de op de voet van artikel 2:350 lid 3 BW door de Ondernemingskamer te bepalen vergoeding van de onderzoeker.









3De beslissing


De Ondernemingskamer:



bepaalt dat het verslag (tezamen met de bijlagen) van het bij de beschikking van 28 februari 2018 door de Ondernemingskamer bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Coöperatieve Aankoopvereniging “Den Ham” U.A., gevestigd te Den Ham, ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden;



stelt partijen in de gelegenheid zich uit te laten over de door de Ondernemingskamer te bepalen vergoeding van de onderzoeker als bedoeld in 1.4 en 2.2 hiervoor;



verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.




Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. M.M.M. Tillema en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, prof. dr. mr. F. van der Wel RA en drs. J.S.T. Tiemstra RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. H.H.J. Zevenhuijzen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 22 juni 2018. Bij afwezigheid van de voorzitter en de zittende raadsheren is deze beschikking ondertekend door mr. A.W.H. Vink, raadsheer.