Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof Amsterdam

ECLI:NL:GHAMS:2016:4803

2016-11-21 Civiel recht; Ondernemingsrecht 200.172.612/01 OK
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Uitspraakdatum
2016-11-21
Publicatiedatum
2016-11-23
Rechtsgebied
Civiel recht; Ondernemingsrecht
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Zaaknummer
200.172.612/01 OK
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | ARO 2017/38

Inhoudsindicatie

OK; Enquête; Bepaling kosten onderzoek; art. 2:350 lid 3 BW

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (6.038 tekens)
beschikking
___________________________________________________________________




GERECHTSHOF AMSTERDAM


ONDERNEMINGSKAMER





zaaknummer: 200.172.612/01 OK



beschikking van de Ondernemingskamer van 21 november 2016



inzake



1. de rechtspersoon naar het recht van Curaçao


SPALA INVESTMENTS N.V.,
gevestigd te Curaçao,

2. [A],
wonende te [....] ,
3. [B],

wonende te [....] ,

VERZOEKSTERS,
advocaten: mr. J.F. Ouwehand en mr. D.J.F.F.M. Duynstee, kantoorhoudende te Amsterdam,




t e g e n




de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

TEKA B.V.,
gevestigd te Amsterdam,

VERWEERSTER,
advocaten: mr. J.W. de Groot en mr. Y.A. Wehrmeijer, kantoorhoudende te Amsterdam,




e n t e g e n






1 [C] ,
wonende te [....] , Zwitserland,
2. [D],
wonende te [....] , Zwitserland,
3. [E],
wonende te [....] , Zwitserland,
4. [F],

wonende te [....] , Zwitserland,

BELANGHEBBENDEN,
advocaten: mr. A.R.J. Croiset van Uchelen, mr. R.G.J. de Haan en mr. S.B. Garcia Nelen, kantoorhoudende te Amsterdam,




e n t e g e n



5. de rechtspersoon naar het recht van Zwitserland


EHAG A.G.,
gevestigd te [....] , Zwitserland,

BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. A.C. Siemons, kantoorhoudende te Amsterdam.





1Het verloop van het geding


1.1
In het vervolg zullen partijen (ook) als volgt worden aangeduid:


verzoeksters tezamen met Spala c.s.;


verweerster met Teka;


belanghebbenden 1 tot en met 4 tezamen met de familie [G] .





1.2
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 3 augustus 2015, 2 december 2015, 8 december 2015, 11 mei 2016, 23 september 2016 en 24 oktober 2016 in de zaak met nummer 200.172.612/01 OK en naar haar beschikking van 15 februari 2016 in de zaak met nummer 200.172.612/02 OK.



1.3
Bij de beschikking van 2 december 2015 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Teka over de periode vanaf 1 juli 2012, een door de Ondernemingskamer nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten en het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 75.000, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen. Bij de beschikking van 8 december 2015 heeft de Ondernemingskamer vervolgens mr. M. Holtzer te Amsterdam (hierna: de onderzoeker) aangewezen als onderzoeker.



1.4
Bij de beschikking van 11 mei 2016 heeft de Ondernemingskamer het bedrag dat het bij de beschikking van 2 december 2015 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Teka ten hoogste mag kosten, verhoogd tot € 120.000, de omzetbelasting daarin niet begrepen. Bij de beschikking van 23 september 2016 heeft de Ondernemingskamer dit bedrag verhoogd tot € 126.500, de omzetbelasting daarin niet begrepen.



1.5
Bij de beschikking van 24 oktober 2016 heeft de Ondernemingskamer bepaald dat het verslag met bijlagen van het onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Teka ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden.



1.6
De onderzoeker heeft bij zijn brief met bijlagen aan de Ondernemingskamer van 2 november 2016 een specificatie, met daarbij een overzicht van declaraties en tussentijdse verslagen, overgelegd van alle in deze zaak verrichte werkzaamheden met betrekking tot het onderzoek. Hieruit volgt dat hij kosten in verband met het onderzoek aan Teka in rekening heeft gebracht ten bedrage van € 126.500, de omzetbelasting daarin niet begrepen.



1.7
De Ondernemingskamer heeft partijen in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de in 1.6 genoemde stukken. Daarop zijn op 17 november 2016 de volgende reacties ontvangen door de Ondernemingskamer:


e-mailbericht van mr. I.M. Hendriks, advocaat te Amsterdam, namens Teka;


e-mailbericht van mr. C.C.M. de Smet, advocaat te Amsterdam, namens Spala c.s.;


e-mailbericht van mr. Croiset van Uchelen voormeld namens de familie [G] .








2De gronden van de beslissing


Tegen het door de onderzoeker gedeclareerde bedrag aan onderzoekskosten zijn geen bezwaren aangevoerd; blijkens de in 1.7 genoemde e-mailberichten heeft Teka met deze kosten ingestemd en hebben zowel Spala c.s. als de familie [G] zich gerefereerd aan het oordeel van de Ondernemingskamer over de vergoeding van de onderzoeker. Dit bedrag komt de Ondernemingskamer ook niet onredelijk voor. De Ondernemingskamer zal de vergoeding van de onderzoeker overeenkomstig artikel 2:350 lid 3 BW dan ook bepalen als hierna te vermelden.






3De beslissing


De Ondernemingskamer:



bepaalt de vergoeding van de onderzoeker op € 126.500, de daarover verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen;



verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.




Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, mr. M.M.M. Tillema en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en prof. dr. M.N. Hoogendoorn RA en drs. C. Smits-Nusteling RC, raden, in tegenwoordigheid van mr. S.C. Prins, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 21 november 2016.