Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Centrale Raad van Beroep

ECLI:NL:CRVB:2022:2728

2022-12-08 Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht 22/1657 WIA-PV
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
2022-12-08
Publicatiedatum
2022-12-20
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
22/1657 WIA-PV
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Bevestiging uitspraak rechtbank. Geen sprake van duurzame arbeidsongeschiktheid. Geen schadevergoeding.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.190 tekens)
221657 WIA-PV

Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer











Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 20 mei 2022, 19/3981, gerectificeerd bij uitspraak van 9 juni 2022 (aangevallen uitspraak)







Partijen:




[appellant] te [woonplaats] (appellant)



de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)




Datum uitspraak: 8 december 2022



Zitting heeft: T. Dompeling
Griffier: L.R. Kokhuis



Ter zitting is appellant niet verschenen. Het Uwv was vertegenwoordigd door mr. J.W. van Schaik.





BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep



- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.



Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.




Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen de beslissing op bezwaar van 27 juni 2019 gegrond verklaard en het beroep tegen de gewijzigde beslissing op bezwaar van 24 december 2020 ongegrond verklaard. Bij dit laatste besluit – dat in de plaats is gekomen van het besluit van 27 juni 2019 – is appellant vanaf 24 april 2018 volledig maar niet duurzaam arbeidsongeschikt geacht.



De gronden die appellant in beroep heeft aangevoerd heeft de rechtbank uitvoerig besproken. De Raad sluit zich op hoofdlijnen aan bij wat de rechtbank in de aangevallen uitspraak heeft overwogen.



De gronden die appellant in hoger beroep heeft aangevoerd zijn in essentie dezelfde gronden als in beroep. De gronden die zijn aangevoerd tegen de vaststelling van de beperkingen in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) worden buiten bespreking gelaten omdat appellant, gelet op de nu vastgestelde volledige arbeidsongeschiktheid, er in deze procedure niet beter van kan worden en het hem bij toekomstige beoordelingen vrij staat alle relevant geachte medische en arbeidskundige bezwaren in een procedure tegen die toekomstige beoordeling aan te voeren.



De rechtbank wordt ook gevolgd in het oordeel dat geen sprake is van duurzame arbeidsongeschiktheid. Met de FML van 21 december 2020 heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep op een inzichtelijke wijze kenbaar gemaakt welke verbeteringen in de belastbaarheid te verwachten zijn na behandeling van de psychische klachten van appellant.



Bij deze uitkomst is een schadevergoeding niet aan de orde. Het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade in de vorm van wettelijke rente wordt dan ook afgewezen.



Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.



Waarvan proces-verbaal.



De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer



(getekend) L.R. Kokhuis (getekend) T. Dompeling