Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Centrale Raad van Beroep

ECLI:NL:CRVB:2015:4723

2015-12-22 Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht 14/852 ANW
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
2015-12-22
Publicatiedatum
2015-12-22
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
14/852 ANW
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Het oordeel van de rechtbank en de daarbij gebezigde overwegingen worden geheel onderschreven. De echtgenoot van appellante was ten tijde van zijn overlijden niet verplicht verzekerd voor de ANW. In 2011 heeft de Svb aan de echtgenoot van appellante meegedeeld dat hij, wegens zijn verhuizing naar Marokko, niet meer verplicht verzekerd was ingevolge de ANW en gewezen op de mogelijkheid zich vrijwillig te laten verzekeren voor die wet. Van deze mogelijkheid heeft de echtgenoot van appellante echter geen gebruik gemaakt.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.866 tekens)
14/852 ANW

Datum uitspraak: 22 december 2015


Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer


Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van
15 januari 2014, 13/590 (aangevallen uitspraak)


Partijen:



[Appellante] te [woonplaats] , Marokko (appellante)


de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb)


PROCESVERLOOP
Appellante heeft hoger beroep ingesteld.


De Svb heeft een verweerschrift ingediend.


Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 13 november 2015. Appellante is niet verschenen. De Svb heeft zich laten vertegenwoordigen door J.A.J. Groenendaal.


OVERWEGINGEN


1.1.
Appellante woont in Marokko. Haar echtgenoot, geboren in 1930, heeft in Nederland gewoond en was ten tijde van zijn overlijden [in] 2012 woonachtig in Marokko. De echtgenoot van appellante ontving vanaf 1 juli 1995 tot zijn overlijden een ouderdomspensioen ingevolge de Algemene Ouderdomswet (AOW).



1.2.
Appellante heeft een nabestaanden- en een halfwezenuitkering ingevolge de Algemene nabestaandenwet (ANW) aangevraagd.



1.3.
Bij beslissing op bezwaar van 18 december 2012 (bestreden besluit) heeft de Svb zijn besluit van 2 augustus 2012 gehandhaafd, waarbij is geweigerd een nabestaanden- en halfwezenuitkering aan appellante toe te kennen omdat haar echtgenoot ten tijde van zijn overlijden niet verzekerd was ingevolge de ANW en ook niet ingevolge de Marokkaanse wettelijke regelingen. Evenmin is gebleken van deelname aan de vrijwillige verzekering.

2. De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. Zij heeft daartoe overwogen dat de echtgenoot van appellante ten tijde van zijn overlijden niet voldeed aan de voorwaarden om verzekerd te worden geacht ingevolge de ANW.

3. In hoger beroep heeft appellante aangevoerd dat zij recht heeft op een nabestaandenuitkering.



4.1.
Het oordeel van de rechtbank en de daarbij gebezigde overwegingen worden geheel onderschreven. De echtgenoot van appellante was ten tijde van zijn overlijden niet verplicht verzekerd voor de ANW. Bij besluit van 9 november 2011 heeft de Svb aan de echtgenoot van appellante meegedeeld dat hij, wegens zijn verhuizing naar Marokko, niet meer verplicht verzekerd was ingevolge de ANW en is hem gewezen op de mogelijkheid zich vrijwillig te laten verzekeren voor die wet. Van deze mogelijkheid heeft de echtgenoot van appellante echter geen gebruik gemaakt. Voorts is ter zitting gebleken dat de Svb een afwijzend besluit heeft genomen op het door appellante in bezwaar gedane verzoek om ten behoeve van haar overleden echtgenoot alsnog premies te betalen voor de vrijwillige verzekering voor de ANW.



4.2.
Uit 4.1 volgt dat de aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.


5. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.





BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.



Deze uitspraak is gedaan door M.M. van der Kade, in tegenwoordigheid van I. Mehagnoul als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 december 2015.





(getekend) M.M. van der Kade





(getekend) I. Mehagnoul





Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de datum van verzending beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad der Nederlanden (Postbus 20303, 2500
EH ’s-Gravenhage) ter zake van schending of verkeerde toepassing van bepalingen over het begrip verzekerde.





MK