Conclusie P-G over voorhanden hebben van vuurwapens en munitie. De zeventienjarige verdachte is na haar komst om twee uur 's nachts aldaar enkele uren later bij een doorzoeking aanwezig in de slaapkamer van de bewoner waar de hem toebehorende wapens met munitie zich bevinden. Bew
Wegenverkeerswet 1994
Art. 9 WVW
Genoemd in 243 uitspraken · Officiële wettekst
243 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Art. 9.7 WVW 1994. Rijden met ingevorderd rijbewijs. Voor een bewezenverklaring t.z.v. art. 9.7 WVW1994 is niet vereist dat verdachte t.t.v. het besturen dan wel doen besturen van het motorrijtuig opzet of schuld had t.a.v. het ingevorderd zijn van het rijbewijs. Uit de bewijsmid
Beschikking, klaagschrift ex art. 164.8 WVW 1994 strekkende tot teruggave van ingevorderd rijbewijs. OM-cassatie. Wanneer is sprake van ‘invordering’ a.b.i. art. 164.6 WVW 1994? Rb heeft geoordeeld dat onder ‘invordering’ moet worden verstaan de door opsporingsambtenaar gedane vo
1. Geldigheid inleidende dagvaarding. 2. Grondslagverlating. Ad 1.: De opvatting dat de niet-inachtneming van de in art. 4.1 van het Besluit kennisgeving gerechtelijke mededelingen genoemde termijn van 7 dagen leidt tot nietigheid van de betekening van de desbetreffende gerechtel
Conclusie AG. OM-cassatie, klacht over oordeel rechtbank dat onder invordering als bedoeld in art. 164 lid 6 WVW 1994 moet worden verstaan de door de opsporingsambtenaar gedane vordering tot overgifte van het rijbewijs als bedoeld in art. 164 lid 1 WVW 1994, ongeacht of daarbij h
Rijden terwijl overgifte van rijbewijs is gevorderd, art. 9.7 WVW 1994. Wanneer verliest de vordering tot overgifte van rijbewijs a.b.i. art. 164.1 WVW 1994 haar rechtskracht? Was rechtsplicht tot overgifte van rijbewijs vervallen, nu voorafgaand aan bewezenverklaarde bij niet-on
Conclusie AG. Overtreding art. 9 lid 7 WVW 1994. Besturen personenauto, terwijl rijbewijs is ingevorderd en niet is teruggegeven. Middelen gaan over het gebruik voor het bewijs van een bepaalde verklaring van de verdachte, de grondslag waarop het rijbewijs is ingevorderd, het ont
Veroordeling wegens overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet. Het rijgedrag van de verdachte is aan te merken als rijgedrag zoals omschreven in artikel 5a WVW en derhalve ook als roekeloos in de zin van artikel 6 WVW. Oplegging van een taakstraf voor de duur van 180 uren
Art 164 WVW: beklag tegen inhouding rijbewijs. N.a.v. ernstig verkeersongeval in juni 2023, is van verzoeker overgifte van diens rijbewijs gevorderd. Hieraan is nooit voldaan omdat verzoeker zegt het rijbewijs verloren te zijn. In dat geval is er geen sprake van (voltooide) invor
Conclusie AG. Verbeurdverklaring personenauto. Art. 33 en 33c Sr. Falende klachten dat geen rekening is gehouden met draagkracht verdachte en dat geen geldelijke tegemoetkoming is toegekend. Conclusie strekt tot verwerping (art. 81.1 RO).
Conclusie plv. AG. Rijden met een ingevorderd rijbewijs. Middel over strafmotivering faalt. Middel over overschrijding inzendtermijn slaagt. Verder middel over betekening van de appeldagvaarding in België. Geen inschrijving buitenlands adres in de Basisregistratie personen. Gekla
Het hof veroordeelt de verdachte ter zake van overtreding van artikel 9, zevende lid, van de Wegenverkeerswet 1994 (rijden terwijl rijbewijs is ingevorderd) tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 weken.
De rechtbank Den Haag heeft een 33-jarige man veroordeeld tot een voorwaardelijke celstraf van 12 maanden en een rijontzegging voor 2 jaar, voor het veroorzaken van een verkeersongeval met zwaar lichamelijk letsel tot gevolg voor 2 slachtoffers. De veroordeelde is met enkele glaz
Conclusie AG. Oproepingsperikelen. Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep. 1. Falende klacht dat de verdachte niet op een behoorlijke wijze is opgeroepen voor de behandeling van de zaak in hoger beroep, art. 450 Sv. 2. Slagende klacht dat de raadsman geen afschrift
Conclusie AG. De AG gaat in op de vraag wanneer een tot de verdachte ingevolge art. 164 WVW 1994 gerichte vordering tot overgifte van het rijbewijs haar rechtskracht verliest zodat het besturen van een motorrijtuig ondanks dat niet is voldaan aan de vordering tot overgifte van he
Gegrondverklaring klaagschrift ex artikel 164 lid 8 WVW, vanwege beslissing tot inhouding buiten de 10 dagen termijn. Redelijke wetsuitleg brengt mee dat onder "invordering" als bedoeld in art. 164 lid 6 WVW moet worden verstaan: de door de opsporingsambtenaar gedane vordering to
Een 51-jarige man uit Enschede heeft zich schuldig gemaakt aan poging tot zware mishandeling door met een auto, over de stoep, af te rijden op een man. Dit deed hij onder invloed van cocaïne. Het gevaarlijke rijgedrag van de man stond bovendien niet op zichzelf, maar was onderdee
Veroordeling wegens overtreding van artikel 9 lid 7 van de Wegenverkeerswet 1994 tot een gevangenisstraf van twee weken. Bewijsoverweging. Het hof stelt vast dat de overgifte van het rijbewijs van verdachte op 25 december 2018 is gevorderd op grond van artikel 164 WVW 1994, zodat
Conclusie AG. 1. Art. 349 Sv. 2. Art. 437.3 Sv. Ad 1. Slagende klacht dat het hof het OM ten onrechte ontvankelijk heeft verklaard in de vervolging gelet op een uit de JD blijkende eerdere onherroepelijke veroordeling ter zake van hetzelfde feit. Ad 2. Op een geschrift houdende m
Klaagschrift ex artikel 164 lid 8 WVW 1994 strekkende tot teruggave van het rijbewijs aan klager gegrond
Het OM kan onder specifieke omstandigheden afzien van het uitvaardigen van de strafbeschikking die volgens de toepasselijke Richtlijn in aanmerking komt. Het hof is van oordeel dat het OM op de door de AG naar voren gebrachte gronden redelijkerwijs heeft kunnen beslissen om in de
Passieve ambtelijke omkoping door directeur van vennootschap, waarvan gemeente Nijmegen enig aandeelhouder was en die tot doelstelling had het bevorderen van culturele activiteiten in die gemeente. Afwezigheid van alle schuld (avas) i.v.m. “als ambtenaar” een geldbedrag vragen te
Art. 179.6 WVW1994; in mindering brengen op de duur van de OBM van de tijd dat het rijbewijs ingevorderd en ingehouden is geweest. In aanmerking genomen dat het Hof klaarblijkelijk als vaststaand heeft aangenomen dat verdachte zijn rijbewijs op 21 september 2009 had ingeleverd in
Gegronde bewijsklacht pleegplaats. De bewezenverklaarde pleegplaats volgt niet uit de gebezigde bewijsmiddelen. Conclusie AG: verbeterd lezen.
1. Geldigheid inleidende dagvaarding. 2. Grondslagverlating. Ad 1.: De opvatting dat de niet-inachtneming van de in art. 4.1 van het Besluit kennisgeving gerechtelijke mededelingen genoemde termijn van 7 dagen leidt tot nietigheid van de betekening van de desbetreffende gerechtel