Grondslagverlating. De wetgever heeft v.w.b. het verbod om een motorrijtuig te besturen of te doen besturen na een vordering tot overgifte van het rijbewijs dan wel gedurende de tijd dat het rijbewijs is ingevorderd en nog niet is teruggegeven, in art. 9.4 en 9.7 jo. art. 176.3 W
Wegenverkeerswet 1994
Art. 9 WVW
Genoemd in 243 uitspraken · Officiële wettekst
243 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie AG. Veroordeling voor rijden na ongeldigverklaring rijbewijs (art. 9.2 WVW 1994). Staat het beschikken over een buitenlands (Bosnisch) rijbewijs in de weg aan veroordeling tzv art. 9.2 WVW, eerste volzin? AG is komt na bespreking wettekst en ratio van de wet tot het oor
Conclusie AG. Rijden met geschorst rijbewijs. Art. 9 lid 5 WVW 1994. Bekendmakingseisen ongeldig verklaard rijbewijs (a.b.i. art. 9 lid 2 eerste volzin WVW 1994) van overeenkomstige toepassing bij geschorst rijbewijs? De A-G oordeelt dat ook voor een bewezenverklaring van art. 9
Taakstraf van 120 uren en rij-ontzegging (OBM) gelijk aan de tijd dat het rijbewijs al ingevorderd is geweest voor overtreding van artikel 6 WVW. Aanmerkelijke schuld door onvoldoende rechts te houden en onvoldoende af te remmen.
Veroordeling wegens overtreding van artikel 9 lid 7 van de Wegenverkeerswet 1994 tot een gevangenisstraf van twee weken. Bewijsoverweging. Het hof stelt vast dat de overgifte van het rijbewijs van verdachte op 25 december 2018 is gevorderd op grond van artikel 164 WVW 1994, zodat
Gegronde bewijsklacht pleegplaats. De bewezenverklaarde pleegplaats volgt niet uit de gebezigde bewijsmiddelen. Conclusie AG: verbeterd lezen.
Art. 9.7 WVW 1994. Rijden terwijl overgifte rijbewijs is gevorderd. Verbeterde lezing van kwalificatie. Overtreding van art. 9.4 (HR leest: 9.7) WVW 1994. Verbeurdverklaring personenauto. ’s Hofs oordeel dat de inbeslaggenomen personenauto volgens opgave van verdachte aan hem toe
Grondslagverlating. De wetgever heeft v.w.b. het verbod om een motorrijtuig te besturen of te doen besturen na een vordering tot overgifte van het rijbewijs dan wel gedurende de tijd dat het rijbewijs is ingevorderd en nog niet is teruggegeven, in art. 9.4 en 9.7 jo. art. 176.3 W