Megazaak Tear. Grootschalige diefstal en heling van dure auto’s. Bewijsmotivering aan de hand van, in samenhang beschouwde, belastende omstandigheden bij een overwegend ontkennende verdachte. Overwegingen over structurerende elementen van een criminele organisatie en over deelnem
Wegenverkeerswet 1994
Art. 41 WVW
Genoemd in 13 uitspraken · Officiële wettekst
13 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Motorrijtuig op de weg laten staan en daarmee op de weg rijden, terwijl op dat motorrijtuig een teken is aangebracht waardoor de herkenning van het kenteken wordt bemoeilijkt, art. 41 WVW 1994. Ontbrekend bestanddeel en kwalificatie. Ex art. 41.2.a WVW 1994 is bestanddeel van het
Als eigenaresse van auto niet voldoen aan vordering om bekend te maken wie bestuurder was van haar auto ten tijde dat met die auto ongeval is veroorzaakt, art. 41.1 WVW. Verhouding tussen spreekplicht van eigenaar van auto en zwijgrecht van verdachte. Vordering a.b.i. art. 41.1 W
Rijden met valse Belgische kentekenplaten (art. 41.1.d WVW 1994) en met rijbewijs waarvan geldigheidsduur is verstreken (art. 107.2 WVW 1994). 1. Ontvankelijkheid cassatieberoep v.zv. gericht tegen overtreding, art. 427.2.a Sv. 2. Bewijs- en kwalificatieklacht. Kan alleen sprake
Conclusie AG. Onder meer rijden met valse buitenlandse kentekenplaten (art. 41.1.d WVW 1994). Bewezenverklaard is het besturen van een personenauto met kentekenplaten “die, niet zijnde het ex art. 36 WVW 1994 aan de eigenaar of houder voor dat motorrijtuig opgegeven kenteken, doo
EAB Duitsland, overlevering voor vervolging voor een plofkraak toegestaan. Het is niet aan de rechtbank om te oordelen over de kwalificaties waaronder de uitvaardigende autoriteit de strafbare feiten schaart. Zij beoordeelt slechts of de omschrijving van de feiten waarvoor overle
Heling van auto’s. Overwegingen over structurerende elementen van een criminele organisatie en over deelneming aan een criminele organisatie.
Motorrijtuig op de weg laten staan en daarmee op de weg rijden, terwijl op dat motorrijtuig een teken is aangebracht waardoor de herkenning van het kenteken wordt bemoeilijkt, art. 41 WVW 1994. Ontbrekend bestanddeel en kwalificatie. Ex art. 41.2.a WVW 1994 is bestanddeel van het
OM-cassatie. Art. 165 WVW 1994 (vordering om als kentekenhouder naam en personalia van de bestuurder kenbaar te maken) en zwijgrecht. Nu de wettelijke regeling tz. naar de kern genomen niet is gewijzigd, heeft het Hof terecht tot uitgangspunt genomen hetgeen in HR LJN ZC9475 uit
OM-cassatie. Art. 165 WVW 1994 (vordering om als kentekenhouder naam en personalia van de bestuurder kenbaar te maken) en zwijgrecht. Nu de wettelijke regeling tz. naar de kern genomen niet is gewijzigd, heeft het Hof terecht tot uitgangspunt genomen hetgeen in HR LJN ZC9475 uit
Hof oordeelde onjuist noch onbegrijpelijk dat verbalisanten gebruik hebben gemaakt van hun bevoegdheid ex art. 52.1 WWM de uitlevering van een vuurwapen te vorderen. Nu daarover in hoger beroep niet is geklaagd en uit de stukken niet het rechtstreeks en ernstig vermoeden rijst da
-
-