Huisvredebreuk. Grondslagverlating? De tll. is toegesneden op art. 138 Sr. Zij behelst het verwijt dat verdachte wederrechtelijk is binnendrongen in een besloten lokaal in gebruik bij Albert Heijn XL. Het Hof is tot een bewezenverklaring gekomen, maar heeft verdachte vrijgesproke
Wegenverkeerswet 1994
Art. 176 WVW
Genoemd in 42 uitspraken · Officiële wettekst
42 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Rijden met vals kenteken, art. 41.1.d WVW 1994. Motivering verbeurdverklaring auto in het licht van draagkrachtverweer, art. 24 jo. 33.2 Sr. Heeft hof voldoende gemotiveerd aangegeven hoe het rekening heeft gehouden met draagkracht van verdachte t.a.v. verbeurdverklaring? HR: art
OM-cassatie. “Hetzelfde feit”, art. 68 Sr, art. 255a Sv, art. 8 en 9 WVW 1994. Bij de beoordeling van de vraag of sprake is van “hetzelfde feit” i.d.z.v. art. 68 Sr en art. 255a Sv dient de rechter in een geval als het onderhavige de in de strafbeschikking en de tll. omschreven v
Wijziging tenlastelegging. Art. 313.2 Sv. Verdachte werd eerst vervolgd voor het doen van een onjuiste belastingaangifte. Nadat in de belastingzaak was vastgesteld dat verdachte geen aangifte (i.p.v. een onjuiste aangifte) had gedaan vorderde de AG wijziging van de t.l.l. die doo
Grondslagverlating. De wetgever heeft v.w.b. het verbod om een motorrijtuig te besturen of te doen besturen na een vordering tot overgifte van het rijbewijs dan wel gedurende de tijd dat het rijbewijs is ingevorderd en nog niet is teruggegeven, in art. 9.4 en 9.7 jo. art. 176.3 W
OM-cassatie. Aan de op art. 163.9 WVW 1994 toegesneden tll. wilde de AG bij het Hof subsidiair art. 8.1 WVW 1994 toevoegen. Het Hof weigerde dit omdat de wijziging zou meebrengen dat niet langer hetzelfde feit a.b.i. art. 68 Sr ten laste zou zijn gelegd. HR: Bij de beoordeling va
Verbeurdverklaring inbeslaggenomen auto. In cassatie kan niet zonder meer blijken dat het Hof wat betreft het oordeel dat het voldoende draagkracht bij de verdachte aanwezig acht nu hij ‘weer in een andere auto rijdt’, heeft beraadslaagd en beslist n.a.v. het onderzoek ter terech
Vordering b.p. Gezien de inhoud van het voegingsformulier moet het ervoor gehouden worden dat het Hof de vordering van de b.p. heeft toegewezen vzv. deze betrekking heeft op de schade aan de auto. Het verweer van verdachte kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan dat de door de
Conclusie AG. Onder meer rijden met valse buitenlandse kentekenplaten (art. 41.1.d WVW 1994). Bewezenverklaard is het besturen van een personenauto met kentekenplaten “die, niet zijnde het ex art. 36 WVW 1994 aan de eigenaar of houder voor dat motorrijtuig opgegeven kenteken, doo
Ne bis in idem. Rijden onder invloed en rijden zonder rijbewijs ‘hetzelfde feit’ als bedoeld in art. 68 Sr?. Art. 8 en art. 107 WVW 1994 verschillen in zoverre van strekking dat art. 8 WVW 1994 strekt tot bescherming van de verkeersveiligheid, terwijl in art. 107 WVW 1994 het re
OM-cassatie. “Hetzelfde feit”, art. 68 Sr, art. 255a Sv, art. 8 en 9 WVW 1994. Bij de beoordeling van de vraag of sprake is van “hetzelfde feit” i.d.z.v. art. 68 Sr en art. 255a Sv dient de rechter in een geval als het onderhavige de in de strafbeschikking en de tll. omschreven v
Gegronde bewijsklacht pleegplaats. De bewezenverklaarde pleegplaats volgt niet uit de gebezigde bewijsmiddelen. Conclusie AG: verbeterd lezen.
1. Geldigheid inleidende dagvaarding. 2. Grondslagverlating. Ad 1.: De opvatting dat de niet-inachtneming van de in art. 4.1 van het Besluit kennisgeving gerechtelijke mededelingen genoemde termijn van 7 dagen leidt tot nietigheid van de betekening van de desbetreffende gerechtel
poging zware mishandeling, bewijsmotivering en strafmaatmotivering
OM-cassatie. Aan de op art. 163.9 WVW 1994 toegesneden tll. wilde de AG bij het Hof subsidiair art. 8.1 WVW 1994 toevoegen. Het Hof weigerde dit omdat de wijziging zou meebrengen dat niet langer hetzelfde feit a.b.i. art. 68 Sr ten laste zou zijn gelegd. HR: Bij de beoordeling va