6 WVW 1994, roekeloosheid, ongeval tussen auto en fietser in bebouwde kom, waarbij de fietser zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen. De verdachte heeft, terwijl hij onder invloed was van alcohol en drugs, als bestuurder van een onvoldoende onderhouden motorrijtuig met een snel
Wegenverkeerswet 1994
Art. 175 WVW
Genoemd in 416 uitspraken · Officiële wettekst
416 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
Concl. AG. Art. 6 en 175 WVW 1994. Dood en zwaar lichamelijk letsel door schuld i.d.z.v. roekeloosheid. Verdachte heeft als passagier, rijdende in een auto met 70 km/u, met kracht aan de handrem getrokken. Roekeloosheid toereikend gemotiveerd? Kan bij de beoordeling daarvan gewic
Ongeval op de A59 met 2 dodelijke slachtoffers door zeer onvoorzichtig en gevaarzettend gedrag (zeer hoge snelheid, rechts inhalen). Niet doorslaggevend welke auto er naar links, dan wel rechts heeft gestuurd op het moment van de aanrijding, nu, gelet op de situatie en de snelhei
Verdachte heeft een vrouw die met haar fiets het kruispunt overstak aangereden, met zwaar lichamelijk letsel als gevolg. Door met een te hoge snelheid om een afslaande vrachtwagen over de weghelft voor het tegengesteld verkeer heen te rijden, zonder enig zicht op het verkeer acht
Ernstig ongeval met een motorrijder, waarbij verdachte zijn auto bewust naar links heeft gestuurd, op de andere weghelft, omdat hij wilde voorkomen dat de motor hem zou inhalen. Aan roekeloosheid grenzende onvoorzichtigheid. Bovendien heeft hij zich niet om het slachtoffer bekomm
Overtreding artikelen 6 en 7 WVW en bezit harddrugs. Verdachte heeft met zijn auto getankt zonder te betalen en is op de vlucht geslagen. Daarbij heeft hij op een fietspad met veel te hoge snelheid een fietser aangereden die daarbij - onder meer - een gebroken halswervel heeft op
Verkeersongeval op 3 september 2016 binnen de bebouwde kom in Nijmegen waardoor zwaar lichamelijk letsel of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan bij 3 slachtoffers. Roekel
De rechtbank veroordeelt verdachte voor overtreding van artikel 6 WVW 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander wordt gedood, meermalen gepleegd en waardoor een ander zwaar lichamelijk letsel wordt toegebracht. Vrijspraak roekeloosheid. Verdachte is als bestuurder
Verdachte voert met te hoge snelheid gevaarlijke inhaalmanoeuvre bij wegversmalling op de Kapittelweg te Breda. Hij komt daardoor in aanrijding met andere auto waardoor passagier van die auto fors letsel oploopt. Verdachte reed onder invloed van alcohol en had nooit zijn rijbewij
De rechtbank heeft verdachte voor het veroorzaken van een ernstig verkeersongeval, het doorrijden na dit ongeval en het rijden met een ongeldig verklaard rijbewijs veroordeeld tot een gevangenisstraf van tien maanden en een rijontzegging van drie jaren. Verdachte heeft met zijn a
Artikel 6 Wegenverkeerwet. Verlaten oprit met te hoge snelheid. Gegeven de omstandigheden was voetje voor voetje achteruit rijden geboden. Strafmaat.
Verkeersongeval heeft plaatsgevonden door aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend (rij)gedrag van verdachte. Van het ten laste gelegde roekeloos rijden zal verdachte worden vrijgesproken. Artikel 6 van de WvW 1994, lichamelijk letsel. Beroepschauffeur.
Aanrijding Langevieleweg Middelburg. Veroordeling tot 24 maanden gevangenisstraf en vier jaar rijontzegging ter zake overtreding van artikel 6 WVW1994, terwijl daarbij aan twee slachtoffers zwaar lichamelijk letsel werd toegebracht. Strafverzwarende omstandigheden alcoholgebruik
Artikel 6 en 8 Wegenverkeerswet. Bewezenverklaring schuldvorm roekeloosheid wegens vluchten voor de politie.
Conclusie AG over aanvaring op Vinkeveense plassen als gevolg waarvan twee van de vier opvarenden van een sloep om het leven zijn gekomen. De verdachte is met een forse overschrijding van de maximumsnelheid met zijn onverlichte speedboot in aanvaring gekomen met een sloep, terwi
Verkeersongeval met dodelijke afloop. Artikel 6 Wegenverkeerswet 1994: aanmerkelijk onoplettend. Verdachte was aan het telefoneren, reed zonder snelheid te verminderen een kruising op en reed daarbij door rood licht. Opgelegd wordt een taakstraf van 240 uur met aftrek van voorarr
“Aanrijding Langevieleweg Middelburg. Artikel 6 WVW1994. Roekeloosheid. Strafmaat”.
de rechtbank komt niet tot roekeloosheid, wel tot medeplegen van zeer onvoorzichtig en onoplettend rijgedrag. Sprake van een straatrace als bedoeld in art 10 WVW 1994. Slachtoffer overleden. Geen aanknopingspunten voor toepassing jeugdstrafrecht. Gelijke straffen voor verdachte e
de rechtbank komt niet tot roekeloosheid, wel tot medeplegen van zeer onvoorzichtig en onoplettend rijgedrag. Sprake van een straatrace als bedoeld in art 10 WVW 1994. Slachtoffer overleden. Geen aanknopingspunten voor toepassing jeugdstrafrecht. Gelijke straffen voor verdachte e
Verkeersongeval Absdale, gemeente Hulst. Artikel 6 Wegenverkeerswet. Strafmaat.
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan zeer onvoorzichtig en onoplettend rijgedrag, waardoor een ander zwaar lichamelijk letsel heeft bekomen. Geen sprake van roekeloos rijden in de zin van art. 6 WVW 1994 jo. art. 175, tweede lid, WVW 1994.
Een 24-jarige man uit Utrecht heeft zich in de nacht van 3 op 4 februari 2017 in Nieuwegein schuldig gemaakt aan het veroorzaken van een dodelijk ongeval. De rechtbank Midden-Nederland veroordeelt de man tot een gevangenisstraf van 20 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk en
Roekeloosheid bij een verkeersruzie op de snelweg, art. 6 en 175 WVW 1994. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:960 m.b.t. roekeloosheid als zwaarste, aan opzet grenzende, schuldvorm, waarvan alleen in uitzonderlijke gevallen sprake is. Uit de bewijsvoering kan
TBS met dwangverpleging en gevangenisstraf voor verdachte die ‘koste wat het kost’ uit handen wilde blijven van de politie en zich op de vluchtweg in een gestolen auto schuldig heeft gemaakt aan een poging tot zware mishandeling en roekeloos rijgedrag.
Publicatie arresten Hoge Raad die zijn afgedaan met art. 80a RO, inclusief schriftuur n.a.v. een wetenschappelijk onderzoek. Zie NJB 2018/301, afl. 6, p. 404-412.