klaagschrift ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, motor, ongegrond
Wegenverkeerswet 1994
Art. 107 WVW
Genoemd in 119 uitspraken · Officiële wettekst
119 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Rijden zonder rijbewijs, art. 107.1 WVW 1994. Strafmotivering (2 weken hechtenis), art. 22b.2 Sr. Is taakstrafverbod van toepassing? Overtreding van art. 107.1 WVW 1994 is ex art. 177.1 jo. 178.2 WVW 1994 strafbaar gesteld als overtreding. Gelet hierop getuigt ’s hofs oordeel dat
Rijden zonder rijbewijs, art. 107.1 WVW 1994. Strafmotivering, art. 22b Sr. Is het taakstrafverbod van toepassing? HR: Overtreding van art. 107.1 WVW 1994 is ex art. 177.1 jo. 178.2 WVW 1994 strafbaar gesteld als overtreding. Gelet hierop getuigt het oordeel van het hof dat het t
Conclusie AG onder meer over klacht betreffende de motivering van de bewezenverklaring van opzetheling, in het bijzonder dat de verdachte ‘ten tijde van’ het voorhanden krijgen van het voorwerp wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof. De conclusie sterkt tot verwerpi
Herziening. De bij de aanvraag gevoegde brief van de Divisie Registratie en Informatie geeft steun aan de stelling waarop de aanvraag berust, t.w. dat de aanvrager ten tijde van de overtreding waarop de uitspraak waarvan herziening wordt gevraagd betrekking heeft, beschikte over
Herziening. De bij de aanvraag gevoegde brief van de Divisie Registratie en Informatie geeft steun aan de stelling waarop de aanvraag berust, t.w. dat de aanvrager ten tijde van de overtreding waarop de uitspraak waarvan herziening wordt gevraagd betrekking heeft, beschikte over
Herziening. De bij de aanvraag gevoegde brief van de Divisie Registratie en Informatie geeft steun aan de stelling waarop de aanvraag berust, t.w. dat de aanvrager ten tijde van de overtreding waarop de uitspraak waarvan herziening wordt gevraagd betrekking heeft, beschikte over
Ne bis in idem. Rijden onder invloed en rijden zonder rijbewijs ‘hetzelfde feit’ als bedoeld in art. 68 Sr?. Art. 8 en art. 107 WVW 1994 verschillen in zoverre van strekking dat art. 8 WVW 1994 strekt tot bescherming van de verkeersveiligheid, terwijl in art. 107 WVW 1994 het re
N-O verklaring in h.b. o.g.v. art. 416 Sv. Geen uitgewerkt (stempel)vonnis. Ingevolge de aanhef van art. 395.2 Sv dient het vonnis van de Kr in het p-v tz. te worden aangetekend op de wijze door de Minister van Justitie te bepalen. Van die verplichting tot aantekening van het von
OM-cassatie. “Hetzelfde feit”, art. 68 Sr, art. 255a Sv, art. 8 en 9 WVW 1994. Bij de beoordeling van de vraag of sprake is van “hetzelfde feit” i.d.z.v. art. 68 Sr en art. 255a Sv dient de rechter in een geval als het onderhavige de in de strafbeschikking en de tll. omschreven v
Bij noch krachtens de wet is voorzien in de mogelijkheid om de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen te ontzeggen bij overtreding van art. 107.1 WVW 1994 (vgl. HR ECLI:NL:HR:2011:BP4474).
Strafmotivering. Het UJD betreffende verdachte biedt geen steun aan ’s Hofs vaststelling “dat verdachte in 2009 nog een transactie voor rijden onder invloed van alcohol [heeft] betaald.”, zodat deze vaststelling niet zonder meer begrijpelijk is. De strafmotivering is evenmin begr
Bij noch krachtens de wet is voorzien in de mogelijkheid om de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen te ontzeggen bij overtreding van art. 107.1 WVW 1994 (vgl. HR ECLI:NL:HR:2011:BP4474).
Verdachte heeft onder andere gepoogd een diefstal te plegen waarna hij is gevlucht in een auto. Daarbij is een achtervolging door de politie ontstaan waarbij een aantal voorbijgangers in gevaar is gekomen. Verdachte wordt veroordeeld voor een aantal misdrijven en overtredingen, w
Herziening. De aanvrage berust op de stelling dat aanvrager reeds eerder is veroordeeld voor hetzelfde feit. Op de door de A-G in zijn conclusie genoemde gronden moet de door aanvrager gestelde omstandigheid worden aangemerkt als een omstandigheid a.b.i. art. 457.1 aanhef en onde
De bewezenverklaring is niet naar de eis der wet met redenen omkleed, nu het Hof in de gebezigde bewijsmiddelen verklaringen van verdachte heeft opgenomen die het blijkens de nadere bewijsoverweging ongeloofwaardig heeft geacht.
Strafoplegging. Het Hof heeft miskend dat bij noch krachtens de wet is voorzien in de mogelijkheid om de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen te ontzeggen bij overtreding van art. 107.1 WVW 1994.
Afwijzing getuigenverzoek. Gelet op de procesgang heeft het Hof de juiste maatstaf (noodzaak) toegepast. Aan het verzoek is ten grondslag gelegd dat uit de door verbalisanten opgemaakte p-v’s niet duidelijk blijkt wie de bestuurder van de auto is geweest (verdachte is veroordeeld
- deelname verkeer zonder rijbewijs - strafmaatmotivering artikel 63 Sr
Ongeldig rijbewijs categorie B: mag je wel rijden op brommer? Wel ten tijde van brommercertificaat, sinds 2006 niet meer.
Ontvankelijkheid OM. CAG over schending van het vertrouwensbeginsel i.v.m. een sepot. HR: 81 RO.
Herziening. Aanvrager is bij de uitspraak waarvan herziening wordt gevraagd veroordeeld voor het rijden zonder geldig rijbewijs. De inhoud van de bij de aanvrage overgelegde stukken geeft steun aan de stelling waarop de aanvrage berust, t.w. dat aanvrager t.t.v. de overtreding wa
Verjaring. Overtreding van art. 107.1 WVW 1994 (rijbewijsplicht). Dit onderhavige feit is volgens de tll begaan op of omstreeks 07-01-2001. O.g.v. het tweede lid van art. 72 Sr zoals dat luidde van 01-01-2006 tot 07-07-2006, beloopt de verjaringstermijn i.c. ten hoogste twee maal
Rijden zonder geldig rijbewijs. Verdachte heeft zich beroepen op rechtsdwaling. Hij stelt op grond van een uitlating van een Nederlandse politiefunctionaris in de veronderstelling te hebben verkeerd dat hij als gevolg van een uitspraak van het Europese Hof van Justitie van 10 jul
24 juni 2003 Strafkamer nr. 00311/02 EW/SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Dordrecht van 23 oktober 2001, nummer 11/150593-00, in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren op [geboorteplaats] (Nederland