Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Wet op het financieel toezicht

Art. 2:60 Wft

Genoemd in 13 uitspraken · Officiële wettekst

13 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live

ECLI:NL:PHR:2020:358 8 × geciteerd
Parket bij de Hoge Raad · 09-04-2020 · Civiel recht

Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuld

ECLI:NL:PHR:2020:359 4 × geciteerd
Parket bij de Hoge Raad · 09-04-2020 · Civiel recht

Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuld

ECLI:NL:PHR:2022:1130 3 × geciteerd
Parket bij de Hoge Raad · 30-11-2022 · Civiel recht

Prejudiciële vragen. Betaling door middel van Afterpay. Toepasselijkheid van afd. 7.2A.1 BW over consumentenkrediet. Is uitstel van betaling een kredietovereenkomst? Kosten in de zin van art. 7:57 lid 1 onder g en art. 7:58 lid 2 sub e BW. Verstrekken van informatie ‘geruime tijd

ECLI:NL:RBROT:2015:8759 3 × geciteerd
Rechtbank Rotterdam · 03-12-2015 · Bestuursrecht

Flitskrediet. Bestuurlijke boete vanwege overtreding van artikel 2:60, eerste lid, van de Wft door in Nederland aan consumenten krediet aan te bieden zonder te beschikken over de daartoe vereiste vergunning. Van onbetekenende kosten was geen sprake zodat niet is voldaan aan de ve

ECLI:NL:GHDHA:2022:194 1 × geciteerd
Gerechtshof Den Haag · 22-02-2022 · Civiel recht

Bestuurdersaansprakelijkheid. Bestuurder aansprakelijk wegens verhaalsfrustratie t.a.v. een door de AFM aan de vennootschap opgelegde boete.

ECLI:NL:RBROT:2020:8779 1 × geciteerd
Rechtbank Rotterdam · 02-09-2020 · Civiel recht; Ondernemingsrecht

Bestuurdersaansprakelijkheid; art. 6:162 BW; art. 2:60 Wft. Gedaagde heeft de door hem bestuurde (en beheerste) rechtspersoon bewust in strijd met het toepasselijk recht laten handelen met het doel om met het onrechtmatige business model zo lang als mogelijk zo veel mogelijk geld