Poging zware mishandeling door tijdens politieachtervolging, rijdend met zeer hoge snelheid, meermalen onverwachts te remmen terwijl politievoertuig kort achter verdachte reed en meermalen politievoertuig af te snijden, art. 302.1 Sr. Toewijzing vordering tul in h.b. wegens overt
Wetboek van Strafvordering
Art. 590 Sv
Genoemd in 54 uitspraken · Officiële wettekst
54 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
1. Niet voor het eerst in cassatie klagen over dagvaarding/oproeping. 2. Bewijs oplichting. 3. Rechtstreekse schade ex art. 51a en 361.2b Sv. Ad 1. In cassatie kan niet met vrucht worden geklaagd over de wijze van dagvaarding van verdachte dan wel oproeping voor de nadere terecht
HR: 81.1 RO.
Het hof heeft vastgesteld dat de inleidende dagvaarding (anders dan is ingevuld op de akte van uitreiking) niet aan verdachte doch aan een ander is uitgereikt. Daaruit vloeit voort dat de uitreiking van die dagvaarding niet is geschied overeenkomstig bij art. 589.1.4° en 589.3 jo
Vordering volledige herroeping voorwaardelijke invrijheidstelling (VI). Geen rechtsgeldige betekening. De rechtbank verklaart de betekening nietig.
Conclusie AG. Ontbrekende betekeningstukken oproeping nadere tz. in h.b na schorsing bepaalde tijd. Conclusie gaat in op de vraag of het hof een nietige betekening voor gedekt had kunnen houden en gaat daarbij in op regelgeving en rechtspraak inzake 1. betekening en 2. onderbreki
Conclusie A-G. Vordering tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde straf wegens overtreding van de algemene voorwaarde. De vordering is in deze zaak ingediend nadat het onderzoek op de terechtzitting was aangevangen maar voordat met de inhoudelijke behandeling van de
volgt.
Poging zware mishandeling door tijdens politieachtervolging, rijdend met zeer hoge snelheid, meermalen onverwachts te remmen terwijl politievoertuig kort achter verdachte reed en meermalen politievoertuig af te snijden, art. 302.1 Sr. Toewijzing vordering tul in h.b. wegens overt
Middel over rechtsgeldigheid betekening oproeping in h.b. Uitreiking aan de griffier van een andere Rb. HR: art. 80a RO. Gelet op de bijzonderheden waardoor deze zaak wordt gekenmerkt is het belang van verdachte bij zijn cassatieberoep niet evident. De schriftuur bevat evenwel ni
Betekening appeldagvaarding. Aanbieding op GBA-adres. Bij aan de HR toegezonden stukken bevindt zich een aan het dubbel van de appeldagvaarding gehechte akte van uitreiking, inhoudende als adres van verdachte [adres A] te Alkmaar en voorts inhoudende dat die dagvaarding “niet is
Verdachte n-o in cassatieberoep nu niet tijdig beroep in cassatie is ingediend.
Verzending oproeping t.b.v. derde zitting in h.b. naar adres van verdachte in Roemenië. Geen Roemeense vertaling. Art. 588.2 Sv jo. art. 5.3 en 4 EU-rechtshulpovereenkomst en art. 7.3 Europees Verdrag aangaande wederzijdse rechtshulp in strafzaken. Bij de stukken van het geding w
Betekeningsperikelen. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AE9649 en uit HR LJN AD5163. ’s Hofs opvatting dat de nietigheid van de dagvaarding wordt gedekt ingeval verdachte via zijn rm op de hoogte is gesteld van de tz is onjuist. HR verklaart de inleidende dagvaarding
Het hof heeft vastgesteld dat de inleidende dagvaarding (anders dan is ingevuld op de akte van uitreiking) niet aan verdachte doch aan een ander is uitgereikt. Daaruit vloeit voort dat de uitreiking van die dagvaarding niet is geschied overeenkomstig bij art. 589.1.4° en 589.3 jo
-
-
-
-
-
-
Betekening inleidende dagvaarding. Kan p-v van politie dat is opgemaakt bij uitreiking van dagvaarding worden gelijkgesteld met akte van uitreiking? Art. 589 Sv. M.b.t. uitreiking van inleidende dagvaarding is door 2 politieambtenaren op ambtseed/ambtsbelofte p-v opgemaakt en op