-
Wetboek van Strafvordering
Art. 588 Sv
Genoemd in 220 uitspraken · Officiële wettekst
220 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie AG. Middel klaagt dat redelijke termijn is geschonden omdat niet blijkt dat binnen een jaar een verstekmededeling is betekend. AG stelt de vraag aan de orde of het middel met toepassing van art. 80a RO kan worden afgedaan.
-
Diefstal van portemonnee, meermalen gepleegd (art. 310 Sr). Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 432.1.a (oud) Sv. Wordt appeldagvaarding geacht in persoon te zijn uitgereikt indien raadsman die namens verdachte h.b. instelt weigert appeldagvaarding in ontvangst te nemen? Niette
De verdachte heeft een feitelijke verblijfplaats. Betekening dagvaarding niet juist. Geen afhaalbericht achtergelaten; wordt niet gecompenseerd door toezending afschrift per post.
Procesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’, vereisten. Stelsel Invorderingswet: verhouding tussen beoordeling door burgerlijke rechter van verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel (art. 17 Iw) en beoorde
Procesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’, vereisten. Stelsel Invorderingswet: verhouding tussen beoordeling door burgerlijke rechter van verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel (art. 17 Iw) en beoorde
Procesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’, vereisten. Stelsel Invorderingswet: verhouding tussen beoordeling door burgerlijke rechter van verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel (art. 17 Iw) en beoorde
Middel over rechtsgeldigheid betekening oproeping in h.b. Uitreiking aan de griffier van een andere Rb. HR: art. 80a RO. Gelet op de bijzonderheden waardoor deze zaak wordt gekenmerkt is het belang van verdachte bij zijn cassatieberoep niet evident. De schriftuur bevat evenwel ni
Kort geding. De inleidende dagvaarding om ter zitting te verschijnen is niet aan de verdachte, maar aan zijn vader betekend. Verdachte is op de zititng niet aanwezig geweest. Het veroordelend vonnis is eveneens aan de vader van eiser betekend. Eiser heeft voldoende aannemelijk ge
Verjaring. Vooropgesteld wordt dat in geval van verandering van wetgeving m.b.t. de verjaring naar hedendaagse rechtsopvatting in strafzaken als uitgangspunt geldt dat deze verandering direct van toepassing is, met dien verstande dat een reeds voltooide verjaring wordt geëerbiedi
1. Aanwezigheidsrecht. 2. Redelijke termijn, ontvankelijkheid. Ad 1. HR herhaalt toepasselijke regels uit LJN AD5163. Uit de stukken kan niet blijken dat de appeldagvaarding is toegezonden aan het in de appelakte vermelde adres. Ad 2. HR herhaalt toepasselijke regels uit LJN AA73
Overschrijding redelijke termijn tussen de bestreden, bij verstek gewezen, uitspraak en het tijdstip waarop deze uitspraak aan verdachte in persoon is betekend. Nu niet blijkt dat de verstekmededeling binnen een jaar na de uitspraak van het Hof aan verdachte - die in die periode
Raadsman betwist dat de kennisgeving conform art. 588 lid 3 Sv is betekend, waardoor de termijn voor instellen van bezwaarschrift niet is gaan lopen. De politierechter verwerpt dit verweer. Artikel 588, vierde lid, Sv bepaalt dat, in het belang van een goede uitvoering van dat we
Het hof heeft vastgesteld dat de inleidende dagvaarding (anders dan is ingevuld op de akte van uitreiking) niet aan verdachte doch aan een ander is uitgereikt. Daaruit vloeit voort dat de uitreiking van die dagvaarding niet is geschied overeenkomstig bij art. 589.1.4° en 589.3 jo
-