Conclusie AG. Veroordeling voormalig wethouder van de gemeente Roermond. De veroordeling betreft schending van geheimen bij de benoeming van een nieuwe burgemeester in Roermond (art. 272 Sr), stempasfraude (art. Z3 Kieswet), ambtelijke corruptie (art. 363 Sr) en witwassen (art.
Wetboek van Strafvordering
Art. 483 Sv
Genoemd in 12 uitspraken · Officiële wettekst
12 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Profijtontneming. Afwijzing verzoek tot voeging in het dossier van de stukken van de hoofdzaak, art. 315.1 Sv. Falende klacht. Nu het onderzoek t.t.z. van 11 december 2014 opnieuw is aangevangen, moeten de middelen onbesproken blijven vzv deze zien op de afwijzende beslissingen v
Vonnis in de zaak tegen (oud) wethouder van Roermond en (oud) Eerste Kamerlid. Veroordeling voor (passieve) ambtelijke corruptie, schending van wettelijke geheimhoudingsplicht en verkiezingsfraude. Vrijspraak van ronselen bij verkiezingen en witwassen.
Ambtsmisdrijven; art. 119 Gw, art. 76 RO, art. 483 leden 1 en 2 Sv. Kennelijk niet-ontvankelijk beklag over niet vervolgen (voormalig) minister. Hoge Raad niet bevoegd om vervolging te bevelen.
Ambtsmisdrijven; art. 119 Gw, art. 76 RO, art. 483 leden 1 en 2 Sv. Gasboringen Groningen. Kennelijk niet-ontvankelijk beklag over niet vervolgen minister. Hoge Raad niet bevoegd om vervolging te bevelen.
Ambtsmisdrijven; art. 119 Gw, art. 76 RO, art. 483 leden 1 en 2 Sv. Kennelijk niet-ontvankelijk beklag over niet vervolgen minister. Hoge Raad niet bevoegd om vervolging te bevelen.
Ambtsmisdrijven; art. 119 Gw, art. 76 RO, art. 485 Sv. Kennelijk niet-ontvankelijk beklag over niet vervolgen (voormalig) minister, drie leden gerechtshof en gerechtsambtenaar. Hoge Raad niet bevoegd om vervolging te bevelen.
Beklag ex art. 13a Sv. bij Hoge Raad over niet-vervolging van op 6 mei 2002 politiek verantwoordelijke ministers en staatssecretarissen en zittende leden van de Tweede Kamer, voor beweerdelijk gepleegde ambtsmisdrijven als bedoeld in art. 76 RO in verband met de moordaanslag op W
Beklag ex art. 13a Sv. bij Hoge Raad over niet-vervolging van oud-ministers Donner en Verdonk voor beweerdelijk gepleegde ambtsmisdrijven als bedoeld in art. 76 RO rond de Schipholbrand; ontvankelijkheid; regeling besluitvorming tot strafvervolging aangelegenheid van nationaal re
Beklag ex art. 12 Sv. bij de Hoge Raad over de niet-vervolging van de minister-president voor beweerdelijk gepleegde ambtsmisdrijven als bedoeld in art. 76 RO; ontvankelijkheid; aanwezigheid van strafverzwarende omstandigheden van art. 44 Sr. bij eventuele vervolging.
9 juli 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R04/058 HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [klager], wonende te [woonplaats], KLAGER. 1. Het beklag...
9 juli 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R04/059HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [klager], wonende te [woonplaats], KLAGER. 1. Het beklag...