Herziening. [Aanvrager is veroordeeld wegens het feitelijk leidinggeven aan het niet nakomen van verplichtingen neergelegd in sociale verzekeringswetten en het Loonadministratiebesluit.] Hetgeen is aangevoerd kan niet het ernstig vermoeden wekken a.b.i. in art. 457.1.2°. Vzv. het
Wetboek van Strafvordering
Art. 457 Sv
Genoemd in 759 uitspraken · Officiële wettekst
759 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 8 · live
Herziening.
Herzieningsaanvrage. Als grondslag voor een herziening kunnen, vzv. hier van belang, ex art. 457.1.2° Sv slechts dienen een of meer door een opgave van bewijsmiddelen gestaafde omstandigheden die bij het onderzoek op de terechtzitting niet zijn gebleken en die het ernstig vermoed
Herziening.
Herziening.
Herzieningsaanvrage Bouterse. De aanvrage bestaat uit drie gronden. De eerste grond komt hierop neer dat uit nieuw bekend geworden feiten blijkt dat het OM in de strafzaak wat betreft de met getuige X getroffen overeenkomst ernstig is te kort geschoten door aan het hof geen volle
Herzieningsaanvrage Schiedammer parkmoord. 1. De conclusies van prof. Van Koppen omtrent de bekentenissen van aanvrager bevatten geen novum, maar moeten worden aangemerkt als een van 's hofs oordeel afwijkende mening. De feiten en omstandigheden waarvan de deskundige is uitgegaan
12 december 2003 Eerste Kamer Nr. C02/139HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [De vader], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. G.R. van der Plas, t e g e n [De dochter], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. R.
30 september 2003 Strafkamer nr. 02562/02 H SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op een aanvraag tot herziening van een in kracht van gewijsde gegaan arrest van het Gerechtshof te Amsterdam, nr. 232323-84, van 13 mei 1985, ingediend door mr. G.G.J. Knoops, advocaat te Amsterdam, n
-
Conclusie AG. Herziening. Twee veroordelingen in verband met overtreden maximumsnelheid. Is sprake van een 'novum'? AG: Uit een vergelijking van beide strafdossiers blijkt dat eerdere veroordeling betrekking had op hetzelfde feit in de zin van art. 68 Sr. Dit gegeven was het hof
Conclusie A-G. Herziening. Drievoudige moord in Scheveningse Bosjes en op de Brunssummerheide in 2019. Art. 289 Sr; art. 39 Sr (oud). Door de verdediging zijn drie gronden voor herziening voorgesteld die betrekking hebben op de vraag naar de toerekeningsvatbaarheid van de aanvrag
Herziening. Zes van Breda. Veroordeling voor medeplegen van medeplichtigheid aan medeplegen van gekwalificeerde doodslag. Nader onderzoek a.b.i. art. 463 Sv in zaken van mannelijke gewezen medeverdachten heeft geleid tot o.m. (i) een rapport van een deskundige over de tijdspanne
Herziening. Zes van Breda. Veroordeling voor medeplegen van medeplichtigheid aan medeplegen van gekwalificeerde doodslag. Nader onderzoek a.b.i. art. 463 Sv in zaken van mannelijke gewezen medeverdachten heeft geleid tot o.m. (i) een rapport van een deskundige over de tijdspanne
Herziening. Zes van Breda. Veroordeling voor medeplegen van medeplichtigheid aan medeplegen van gekwalificeerde doodslag. Nader onderzoek a.b.i. art. 463 Sv in zaken van mannelijke gewezen medeverdachten heeft geleid tot o.m. (i) een rapport van een deskundige over de tijdspanne
Herziening. Zes van Breda. Veroordelingen voor medeplegen van gekwalificeerde doodslag. Nader onderzoek a.b.i. art. 463 Sv heeft geleid tot o.m. (i) een rapport van een deskundige over de tijdspanne waarin het slachtoffer is overleden, (ii) een rapport over het sporenbeeld en (ii
Herziening. Feitelijk leiding geven aan opzettelijk onjuist of onvolledig doen van aangifte omzetbelasting begaan door rechtspersoon (meermalen gepleegd), art. 69 AWR. Aangevoerd wordt dat sprake is van gegeven a.b.i. art. 457.1.c Sv op de grond dat hof heeft beslist o.b.v. dossi
Conclusie AG. Herziening na veroordeling wegens medeplegen van gewoontewitwassen van ruim 17 miljoen euro. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de aanvraag.
Door het gerechtshof Amsterdam is aan veroordeelde een ontnemingsmaatregel opgelegd, inhoudende de verplichting tot betaling van € 24.493.121,78. Veroordeelde heeft niet (geheel) aan deze betalingsverplichting voldaan. Door de officier van justitie is gevorderd een machtiging te
Vordering PG tot cassatie in het belang der wet. Screeningsprocedure kandidaat ministers Curaçao. Valt een schuldigverklaring wegens misdrijf zonder oplegging van straf of maatregel onder de weigeringsgrond dat de kandidaat is veroordeeld wegens misdrijf (art. 7 lid 1, onder a, L
Kort geding. Vorderingen strekkende tot schorsing / opheffing detentie afgewezen. Geen aanleiding voor ingrijpen in de op de Staat rustende executieplicht. Verwijzing naar ECLI:NL:RBDHA:2023:16474, geen aanleiding voor afwijkend oordeel. Eiser is niet-ontvankelijk in de (meer sub
Conclusie AG. Profijtontneming, w.v.v. uit bedrieglijke bankbreuk. Kon hof volstaan met constatering overschrijding redelijke termijn in hoger beroep? Conclusie strekt tot verwerping van het beroep. Samenhang met 21/04688, 21/04611 en 21/04570.
Conclusie AG. Herziening. Rijden onder invloed van cannabis, art. 8 lid 5 WVW 1994. Als novum wordt aangevoerd dat de politierechter het OM n-o had verklaard in de vervolging indien de politierechter bekend was geweest met een sepotbeslissing gericht aan aanvrager. Conclusie stre
Conclusie PG. Middelen over het bewijs. De PG wijdt ambtshalve beschouwingen aan de zienswijze inzake Jaddoe van 2 september 2022 van het VN-mensenrechtencomité. Deze zienswijze stelt opnieuw de vraag aan de orde of en zo ja, in hoe verre de Nederlandse cassatiepraktijk (in het b
Conclusie AG. Herziening. Negen nieuwe getuigenverklaringen. De conclusie strekt tot afwijzing.